| |
|
Een radicale puber en zijn God
(28 december - Heilige Familie)
Welkom!
Baby’ s worden
aan mensen toevertrouwd.
Maar kleintjes worden groot.
Daarover gaat het verhaal van vandaag: een kind uit Betlehem en
Nazaret dat zijn eigen wegen zou gaan. Groeipijn van ouders die hun
tieners horen zeggen: 'Wisten jullie dan niet dat Ik bij mij Vader
moest zijn?'
Met die woorden omschrijft de evangelist de zending van Jezus: bezig
zijn met de dingen die zijn Vader ter harte gaan voor het welzijn van
alle mensen, hier en waar ook ter wereld.
Het kind van Maria en Jozef zou een zendeling worden, wiens woorden op
hun weg door de wereld ook ons bereiken.
Wij mogen er ons altijd, maar speciaal in dit uur, dankbaar door laten
aanspreken. Nu we samen zijn in
de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen

Gebed om ontferming
We beginnen deze viering daarom met de bede om die God te mogen
ontmoeten.
God,
Gij
voorziet onze wereld van uitzicht op heil, op harmonie, op
welzijn.
Luisteren wij naar uw wil?
Heer, ontferm U over ons
Christus, Gij toont ieder van ons zijn kansen.
Grijpen wij die kansen?
Christus,
ontferm U over ons
God, Gij zijt
relatie met mensen.
Leven wij
verbonden met U?
Heer, ontferm U
over ons
Openingsgebed
God, die sinds
mensenheugenis met mensen onderweg
zijt,
maak ons
ontvankelijk voor de verrassingen die het leven met
zich meebrengt.
Laat ons uw Zoon
zien in wie Gij ons de
weg wijst naar uw rijk;
doe ons ondervinden hoe wij uw mensen
zijn, door U bemind en
bevrijd,
hoe wij ertoe
geroepen worden van U te getuigen
deze dag en alle
dagen totdat allen U
kennen als bron van leven
en eeuwigheid. Amen.
Homilie
De laatste zondag van het kalenderjaar,
midden familiefeestjes van Kerstmis en nieuwjaar, vieren we in de kerk
het feest van de heilige Familie. Om de drie jaar wordt het verhaal van de
twaalfjarige Jezus in de tempel gekoppeld aan het feest van de familie
uit Nazaret.
Keren we nu -met
reuzensprongen- naar de oorsprong van het evangelieverhaal terug. De
feestdag van de heilige Familie wordt nog geen honderd jaar gevierd. In 1920
werd dit feest heringevoerd. Ingesteld in 1900 werd het in 1910 weer
afgeschaft. Gedurende eeuwen - we gaan terug in de tijd - was de heilige
Familie onderwerp van idealistische en vrome taferelen in de beeldende
kunsten.
Lucas schrijft zijn goede boodschap
waarschijnlijk rond de jaren 80 na Christus. Hij heeft Jezus niet
persoonlijk gekend. De Jezus die hij heeft ontdekt is de verrezen Heer.
Lucas schrijft vanuit zijn paaservaring,
in de stijl van zijn tijd en met de beelden en tekenen die leven in zijn
gemeenschap. Als ontwikkeld man, als arts, met ook nog historische
kwaliteiten, wil hij al die Jezusverhalen, al die verrijzeniservaringen,
eens ordelijk opschrijven. Hij wil daarin zelfs verder gaan dan andere
evangelisten en teruggaan tot de jeugdjaren van Jezus. De atmosfeer
onder de gelovigen waarin de evangelist leeft is er ook een van
twijfel en onzekerheid. Zijn medechristenen zijn aan het twijfelen
gegaan. Ze herkennen de aanwezigheid van Christus niet in hun
gemeenschap. Leeft die gemeenschap wel in de geest van Jezus, in Gods
geest? Verwachten die christenen ondanks alles toch spectaculairdere
gebeurtenissen dan de gewone dingen die ze meemaken? Hadden ze het toch
niet beter gehouden bij de strakke wetten van de tempel in Jeruzalem?
Op twaalf-dertien jaar werd een joodse
jongen ‘zoon van de wet’, bar mitswa. Hij ging dan behoren tot de
volwassenen en had vanaf dat moment het recht in de synagoge voor te
lezen uit de Tora. Zo ging het ook met Jezus van Nazaret. Voor hem gold
voortaan de verplichting deel te nemen aan het jaarlijks paasfeest in
Jeruzalem, waarover sprake in de evangelielezing.
Wie is toch die wijsneus, vroegen
pelgrims zich wellicht af. Waarover discussieert hij? Wie zijn zijn
ouders? Die vragen zullen blijven klinken, heel de geschiedenis door,
tot op de dag van vandaag.
Wie is hij toch?
Op die vragen probeert de evangelist
Lucas een antwoord te formuleren wanneer hij het kind van Jozef en Maria
beschrijft. Toch weet ook hij niet precies wie die twaalfjarige Jezus
wel is.
Met het bezoek aan de tempel wil Lucas
Jezus een plaats geven in de geschiedenis. Een joods kind.
Lucas ziet in de twaalfjarige Jezus
degene die 20 jaar later op weg naar Jeruzalem zal gaan om daar te
sterven en te verrijzen. Begint hij daarom zijn verhaal bij dat
paasfeest, waarbij de Joden de uittocht uit Egypte herdenken? “De ouders
van Jezus gingen naar Jeruzalem voor het feest van Pasen.” Die
pelgrimstocht is, in de ogen van de evangelist, een voorafbeelding van
Jezus’ laatste tocht naar Jeruzalem.
Jozef en Maria, zo schrijft Lucas,
vonden hem terug na drie dagen. Net als de vrouwen en de apostelen
vonden zij hem terug op de derde dag. Ook toen vroeg hij: “waarom
zochten jullie me toch?” De derde dag sluit hier geen
tijdsbepaling in. De derde dag brengt redding, inzicht, leven.
Willen we de ouders van Jezus even
bekijken door de bril van Lucas?
We mogen vermoeden dat Marria en Jozef
gelovige joden waren, ontvankelijk voor Gods leiding in hun leven, die
aan de uitvoering van Gods wil ook wilden meewerken.
Jozef en Maria zijn de eersten die Jezus
hebben leren geloven. Dat deden ze thuis. Maar ze maakten de
geloofskring ook groter. Dus gingen ze met hem naar de synagoge, en een
enkele keer naar de tempel in Jeruzalem.
Kan je je het familiedrama voorstellen
wanneer Jozef en Maria vaststellen dat ze Jezus kwijt zijn? Wat is hem
overkomen? Wat heeft hij zich nu weer in zijn hoofd gehaald? Zoals
ouders doen, blijven ze dag en nacht zoeken, vrezen en hopen, en zijn
misschien op sommige momenten ook wel boos op hem. Maria Jozef en
Jezus, ’n doodgewone familie.
Als zijn ouders hem terugvinden zet
Jezus hen meteen weer op het verkeerde been: “Wisten jullie dan niet dat
Ik in het huis van mijn Vader moet zijn? Waarom zoeken jullie nog altijd
dat kind uit Nazaret? Weten jullie dan niet waar Ik vandaan kom en waar
Ik heen ga?” Ontgoocheling en onmacht. Loslaten. Het juiste evenwicht
blijven zoeken tussen begeleiding en vrijheid wordt dan opdracht voor
ouders; vooral met veel liefde. Tussen de regels door lees je in het
evangelieverhaal dat Jozef en Maria dat vrij goed deden: Jezus kreeg van
zijn ouders kennelijk nogal wat speelruimte. Pas op het einde van de dag
merkten ze dat hun kind niet op de afspraak verscheen. Hij had zijn
eigen relaties. Zijn ouders hielden hem niet de hele dag in het oog. Ze
schonken hem voldoende vertrouwen.
Toch gaven ze hun eigen ouderlijke
verantwoordelijkheid niet op. Ze gingen op zoek naar hem en vroegen om
uitleg.
Een tegendraadse puber, een Jezus die in
het geheel niet onderdanig is aan zijn ouders heeft zijn antwoord klaar:
“Wisten jullie dan niet dat ik bij mijn Vader moest zijn?” Lucas noteert
met enige droefheid: “Ze wisten niet wat hij hun zei”. Maria kan haar
ontgoocheling niet wegsteken maar, misschien vriendelijk, misschien
vermanend, we kunnen het niet weten, vraagt ze: “Waarom heb je ons dit
aangedaan?” Pas na dat andere paasfeest, 20 jaar later, zullen die
woorden hun geheim prijsgeven.
Achter het verhaal van Jezus ouders
duiken ook weer vragen op.
Drukken ze in het verhaal van Lucas
misschien iets uit van de gevoelens van zoekende en twijfelende mensen:
waren we niet beter bij het oude gebleven?
Staat Maria symbool voor mensen die
ontvankelijk en beschikbaar in het leven staan? Voor ouders, die veel in
hun hart bewaren, maar hun kind graag blijven zien?
Doet Jozef, over wie we weinig lezen in
de Schrift, niet denken aan mensen die rustig geloven dat God alles ten
goede leidt?
Vandaag, vermoed ik, wordt er over dé
heilige
Familie, over heel heilige families gepreekt, ik ken enkele predikanten
die rond dit uur het hedendaagse gezin als onderwerp aansnijden, de
verleiding bestaat op zoek te gaan naar symbolische bespiegelingen rond
het verhaal van de twaalfjarige Jezus. De kern in het Lucasevangelie
horen we uit de mond van Jezus:
‘Weten jullie niet dat ik bij mijn Vader
moest zijn’. In het Grieks vertaald staat er dat Jezus bezig moest zijn
met de dingen van zijn Vader. Een radicale programmaverklaring van een
puber? Of was hier de volwassen Jezus, de verrezen Heer aan het woord?
Het bezig zijn met de dingen die zijn
God ter harte gaan, heeft Jezus in Jeruzalem aan het kruis gebracht.
Zijn programma houdt in dat hij zich losmaakt van geld en goed, van
starre rituelen en wettische voorschriften om vrij te worden vóór
medemensen.
Die uitnodiging van Godswege gaat nog
steeds uit naar mensen. Ook naar ons.
Het feest van vandaag stelt ons toch wel
een hoog ideaal:
beschikbaar zijn als
Maria,
geloven in Gods leiding
als Jozef
mensen graag zien, alle
mensen liefhebben als Jezus.
Om een stukje van dat hoge ideaal waar
te maken bidden we weldra in de voorbeden. Eerst spreken we samen ons geloven uit.C.Van Croonenborch
Voorbeden
God, Gij keert
U tot ons. God, zie
ons
verlangen naar U.
Bidden wij dat God te vinden is in dit huis;
in ons samen leven, in ons hart
Bidden wij dat de ontvankelijkheid van Maria
ook onze levenshouding wordt
Bidden wij om de eenvoud van Jozef.
Bidden wij om ’n stukje liefde van Jezus.
Bidden wij om zelf ’n stukje liefde
van Jezus te worden.
Bidden wij om wat ons nu bezighoudt…
(langere tijd stilte)
Voor de vele
families in Iran die op dit ogenblik een groot drama doormaken.
Gebed
over de gaven
God,
Jezus luisterde naar de verhalen in de
Joodse Schrift. Ze werden verteld door zijn ouders, hij hoorde ze
commentariëren in de synagoge, samen met ander gelovigen. Die verhalen
oriënteerden zijn leven.
Wij hopen dat ook wij die verhalen zo
beluisteren dat we onze voorbeden kunnen waarmaken. Dan worden we
levend brood voor elkaar, waarvan het brood hier op tafel symbool zal
zijn. Dan groeit onze onderlinge verbondenheid door het drinken van de
beker van verbondenheid, vandaag en tot in eeuwigheid. Amen.
Bezinning:
P.Copray tot de druk bezette mens
Moeilijk te bereiken bent u,
altijd in gesprek.
Ik zal kort zijn en ter zake.
Kunt u zich voorstellen dat Ik u roep?
stemt u wel eens af
op mijn stem?
Weet u wie de minsten der mijnen zijn?
Kent u mijn droom?
Weet u waar u zich erover informeren
kunt?
De grootste kansen om iets van mijn
droom
wáár te maken
liggen in volwassen mensen,
in u.
Bent u zich daarvan bewust?
Ik investeer veel gedachten in u,
u ook in mij?
Ik ben altijd beschikbaar.
Van mijn kant is de verbinding nooit
verbroken.
Slotgebed
God,
uw woorden zijn te beluisteren.
Gij voorziet ons van heil, harmonie en
welzijn.
Bekleed ons allen met tedere
bezorgdheid,
goedheid en geduld
en laat uw woord
ons leven kleuren.
Moge alles wat wij zeggen en doen,
uw liefde voor mensen voelbaar maken.
Wij hopen en bidden dat we ons
levensprogramma laten inspireren door dat van Jezus: “ In het huis van
mijn Vader wil ik zijn”.
Dan bouwen we aan een wereld waar het goed is
om leven voor iedereen, het huis van de Vader vandaag , elke dag opnieuw
en tot in eeuwigheid. Amen.
Zending en zegen
Wij gaan op weg,
ieder met eigen familiebanden,
ieder met eigen verwachtingen
en mogelijkheden,
maar geroepen om gemeenschap te zijn:
eenvoudig als Jozef,
open als Maria
en goddelijk lief als Jezus.
Mogen wij daartoe om zegen vragen van
de vader, de Zoon en de heilige Geest.
Amen.
top
terug
|
|
|