| |

Open ontmoetingsdag 2005
Dominicaanse familie Vlaanderen
"U kent de geboden: pleeg geen moord, pleeg geen echtbreuk, steel niet, leg
geen vals getuigenis af, bedrieg niemand, toon eerbied voor uw vader en uw
moeder." Dat antwoordde Jezus aan een rijke jongeman die hem vroeg wat hij
moest doen om deel te krijgen aan het eeuwig leven (Marcus 10,19). Wij zijn
als die rijke jongeman, zei Hendrik Opdebeek tegen zijn gehoor toen hij in
zijn lezing de vraag naar een ethische verruiming van de economie aan de
orde stelde. Hoe kunnen we de geboden die Jezus citeerde vertalen in de
termen die onze positie in ons economisch vandaag bepalen? Wat moeten we
doen?
Niemand vermoorden
Als we kijken naar de manier waarop onze economie in een snel tempo de
natuurlijke rijkdommen verslindt, betekent dit verbod: we mogen de natuur,
de schepping die ons werd geschonken, niet om zeep helpen. Als we los willen
komen uit het overheersende individualisme en meer oog krijgen voor de
kwaliteit van de tussenmenselijke verhoudingen, wil het oog zeggen: 'je zult
geen medemens te kort doen'.
Geen echtbreuk plegen
Economische echtbreuk plegen we als we ingaan op de eindeloosheid van onze
opgefokte behoeften waaronder onze authentieke behoeften ondergesneeuwd
raken. Geen echtbreuk plegen betekent een rem zetten op het consu-meren (van
alles altijd meer) en welbewust gaan consu-minderen (genoegen nemen met de
vervulling van alleen de echte behoeften en daar ook ons genoegen in
vinden).
Niet stelen
Dit verbod trekt de aandacht op de verhouding tussen de doeleinden en de
middelen van het economisch bedrijf. Almaar grotere welvaart is geen doel
maar een middel: een middel voor groeiend welzijn. De arbeid is niet alleen
een middel, we moeten hem ook zien als een doel: levensvervulling, dit is
welzijn, door kwalitatief zinvol werk. Geen diefstal plegen betekent: steel
geen doeleinden door ze te herleiden tot middelen voor doeleinden die er
eigenlijk geen zijn. Offer je psychisch inkomen (arbeidsvreugde,
gezinsgeluk) niet op aan een zo hoog mogelijk materieel inkomen. En mensen
behandel je nooit als middel.
Geen vals getuigenis geven
Een vals getuigenis komt neer op liegen over de ware toedracht der dingen.
Het is valse behoeften voorstellen als echte, wat waarde heeft verwisselen
voor wat alleen nuttig is, in de reclame geen verschil maken tussen nuttige
informatie en pure verleiding. Geen vals getuigenis geven betekent dat je
andere mensen, en ook jezelf, niet bedriegt.
Eer uw vader en uw moeder
Er zijn levensbelangrijke dingen die je niet kunt kopen en waarmee je geen
handel drijft. Ze verdienen geëerd te worden zoals je je vader en moeder
eert. Betuig meer respect voor het dagelijkse werken van de huismoeder of
huisvader, geef het de waarde die het verdient. Respecteer zorgbehoevende
bejaarden, respecteer natuurreservaten. Plak op dat alle niet onmiddellijk
zomaar een prijs op door met bejaardeninstellingen af te komen, met een
mogelijk loon voor thuiswerkende huismoeders of huisvaders, met kosten
batenanalyses bij het neerpoten van bungalowparken in natuurreservaten. Het
zal duidelijk zijn dat dit lijstje met veel andere voorbeelden kan worden
aangevuld.
Kort besluit van de spreker: "Misschien gaat pas op deze manier de deur weer
open voor een wereld waar mensen genieten van de ware zin van hun leven. Zo
wordt een zinvolle wereld wordt mogelijk die ophoudt van het spirituele -
zeg maar van God - een soort taboe te maken."
Dominicaanse mensen
De deelnemers aan de ontmoetingsdag gingen naar huis na een afsluitend
gebed, of juister, een korte bezinning in de vorm van een parafrase van het
bekende loflied van Paulus op de liefde.
"Al spreek ik woorden van heiligen en waardevolle mensen, als ik er met mijn
hart niet bij ben, klinken ze hol.
Al ken ik een brok psychologie, al ben ik thuis in vergader- en
preektechnieken, als ik er met mijn hart niet bij ben, baat het me niets.
Al is de inzet in zoveel groeperingen, en ook in de dominicaanse familie,
mijn leven, en zwoeg ik van 's morgens tot 's avonds, als ik er met mijn
hart niet bij ben, is alles verloren.
Een dominicaanse mens heeft een lange adem, is geduldig, houdt het uit, kan
wachten. In zich draagt hij de tijd.
Een dominicaanse mens blaast zich niet op, leeft niet voortdurend in dromen
en fantasie‰n, maar 'ziet' de zwakken in de samenleving en treedt hen
tegemoet, ten koste van zichzelf. Hij overdrijft niet maar mikt op het
mogelijke: wat kan er hier en nu?
|
|