VIERINGen in het DOMINICUSHUIS

   
   

 

 

Gemeenschpasviering in de herfst
(17 november)

Aankleding van de ruimte:
Potjes met in elk één krokusknol
Een hoop herfstbladeren met daaronder eikels, kastanjes, enz.
Muziek door cello

Welkom in deze viering in volle herfst. Na wat zoeken en tasten hebben we als thema gekozen:
 Herfst is een seizoen van loslaten!
Blaren, vruchten, zaden lossen hun houvast. Het verhaal van het eikeltje vertelt er straks meer over. De commentaar van Bond zonder Naam (lezen van kaart op tafel) vult het thema van de viering aan en trekt het door naar onze manier van leven.

"Bij nader toezien staan leven en dood niet tegenover elkaar, maar hebben zij met elkaar te maken en behoren zij tot dezelfde realiteit. In de mate dat we de dood in al zijn dimensies bewust toelaten, in dezelfde mate verliest het leven zijn vanzelfsprekendheid. Het wint aan diepgang en intensiteit.
'Er zijn' gaan we ervaren als gave, als geschenk.
Sterven is gaandeweg ervaren dat de dood niet de afgrond is van het leven. Het leven is leren sterven om opnieuw te leven!
Gelovend zijn we nu en hier samen. Eigen zorgen en bekommernissen op deze zondagmorgen kwamen wellicht mee, kunnen niet zo maar worden losgelaten. Maar deze zijn hier toegelaten.
Want we hopen op 'n woord van God, dat nieuw maakt!
Daartoe willen we zingen en bidden op deze zondagmorgen.


Inleidend woord: Vol van verwachting
In de herfstdagen plooit de natuur zich naar binnen.
Aan de buitenzijde lijkt of alles afsterft, de levenssappen trekken zich terug in de diepste kern.
Kalende bomen zijn echter niet dood,
het leven zit binnenin, onder de schors.
Herfst,
de tijd van het jaar waarin alles groeit
naar een nieuw begin!

Allen:

Nabije God,
de herfst is een tijd van inkeer en rust.
Wij zoeken warmte en rust in onze huizen en bij elkaar.
We vinden onszelf terug,
kijken om naar wat achter ons ligt
en voelen hoe Gij ons nooit verlaat.
Houd ons bij de hand, in de komende donkere dagen,
alleen dan beleven we deze herfstdagen
als groei naar een nieuw begin,
vandaag en morgen
en alle dagen van ons leven. Amen.

Het verhaal van het eikeltje

Midden in het bos stond een machtige eik.
Zijn ruige stam wees recht omhoog en zijn knoestige takken
reikten ver in het rond. Hij was zo oud, die eik,
dat geen van de andere bomen wist wanneer hij er gekomen was.
En ook de dieren wisten het niet.
Misschien was hij wel ouder dan zij allemaal.
Maar alle dieren en alle bomen hielden erg veel van vader eik.
Nergens zong de wind zo mooi als in zijn takken.
En nergens kon je zo veilig wegschuilen voor de regen dan onder zijn stevige bladerkroon.

Nu was het herfst en alle bomen stonden er een beetje treurig bij.
Ze moesten hun fijne groen zomerpak weer afleggen
en hier en daar werden hun kale takken al weer zichtbaar.
Het ene blad na het andere wipte los van de tak en zeilde zigzaggend naar beneden.

Dat deden ook de eikels.
Eén voor één en soms in groepjes, sprongen ze naar beneden en ploften neer tussen de bladeren op het mos.
Maar één eikeitje hield zich stevig vast. Hij was een beetje bang voor zo'n diepe val.
Je kon wel eens helemaal stuk vallen als je niet goed terechtkwam en eigenlijk was het daarboven ook veel gezelliger.
Vanaf zijn hoge plaats kon Eikeitje heel het bos overzien.
Mij niet gezien, dacht Eikeitje, ik blijf nog een beetje hierboven.
Toch kreeg Eikeitje het wel een beetje benauwd.
Links en rechts dwarrelden er onophoudelijk bladeren naar beneden
en overal in het bos kon je de kastanjes en eikels horen neerploffen.
Hoelang zal ik het hier nog volhouden? dacht Eikeitje.
Hij begon moe te worden en ook een beetje duizelig.
De avondwind wiegde met de takken en het werd steeds moeilijker om je vast te houden.
En toen de zon achter de toppen van de bomen wegzonk, werd Eikeltje zo moe, zo loom en zwaar, dat hij tenslotte zijn houvast verloor en neerplofte aan de voet van vader eik.

Dat is het einde, dacht hij, nu is het met mij gedaan.
En onder een dek van dorre bladeren viel eikeltje in een diepe winterslaap.
In het bos werd het heel stil. De dieren sliepen en er was geen geluid, gen beweging meer. Iedere dag weer het kouder en tenslotte was heel het bos bedekt met een prachtige wollige sneeuwlaag.

Maar toen de lente na lange maanden de sneeuw deed smelten en het bos weer tot leven bracht, toen ontwaakten de dieren en de bomen en er kwam beweging en geluid in alle dingen.
Op een morgen ontwaakte ook Eikeltje uit zijn diepe winterslaap. En tot zijn grote vreugde ontdekte hij, dat hij nu vast in de grond geworteld zat en dat uit zijn bruine bast een teer en tenger twijgje groeide.
Als een aarzelend begin van een nieuwe eikenboom.

(Blaren voorzichtig van de hoop verwijderen)
Stilte

Het rijk van God is als een zaad verbogen in de grond
We luisteren naar het verhaal van de eerste christenen uit deHandelingen van de apostelen.

Zij hielden vast aan de leer van de apostelen, de gemeenschap met elkaar, het breken van het brood en het zeggen van de gebeden.
De apostelen deden indrukwekkende wonderen, wat iedereen met ontzag vervulde.
Allen die geloofden, vormden een gemeenschap en deelden alles samen. Ze verkochten hun have en goed en het geld werd uitgedeeld: iedereen kreeg zoveel als hij nodig had.
Trouw waren ze ook iedere dag in de tempel, eensgezind; ze braken het bood bij elkaar aan huis en gebruikten de maaltijden met vreugde en in eenvoud van hart.
Ze prezen God en stonden in de gunst bij het hele volk.
Iedere dag vergrootte de Heer de groep van hen die gered worden.

Enkele maten cellomuziek

Duiding

Die eerste generatie christenen had zeker heel wat moeten loslaten: de zichtbare aanwezigheid van Jezus, ze hebben dat gemis zeker serieus moeten verwerken. Laten we het ons hun herfstseizoen noemen.
Maar: daaruit groeide een nieuw begin: durf en Godsvertrouwen. Geloven in het doen van Jezus woorden en daden.

Eerlijk gezegd, zie ik daarin iets van onze tijd!
Het oude is losgelaten, het oude wordt losgelaten, het oude wordt in zekere mate nog vastgehouden… Echte waarden houden we vast.
Laten we maar even kijken in onze onmiddellijke omgeving:
Een klein jaar geleden verlieten we het kerkgebouw, Dominicushuis werd kerk.

Het nieuwe kiemt, groeit, wordt zichtbaar. Als u mij vraagt 'waar?',
dan denk ik aan de mensenketen op het Steenplein eind oktober: joden, christenen, moslims, vrijzinnigen… samen na een week van dialogeren; of aan de stappen van solidariteit tijdens geweldloze betogingen; aan de gesprekken waarover mijn kinderen vertellen, die ze voeren in een of ander buurtcafé, geen lichte kost; ik hoor mijn vrienden die na 20 jaar nog altijd even enthousiast vertellen over de samenkomsten in hun gezinsgroep: bidden, lief en leed delen, vriendschap ervaren; of aan onze bijbel-basisgroep, hier maandelijks samen in de pub.
Titels of hoofdstukken van boeken spreken van toekomst en hoop… Zoveel bewogen bewegingen, bewogen vanuit een verinnerlijkte spiritualiteit.

Ook wij beleven ons Herfstseizoen,
de tijd waarin alles groeit naar een nieuw begin.

Blaren verwijderen
Stilte

Als broers en zusters in geloof samen, op dit moment en in dit huis, mogen we ook samen bidden tot Jezus' Vader, zoals hij het heeft geleerd.
Als teken van verbondenheid kunnen we elkaar nu een hand geven…
Onze Vader…

Herfstnotities

Soms zie ik het najaar als afscheid, soms zie ik het als begin:
einde van zonlicht en leven, oorsprong van sterven en nacht.
Maar als ik, tot rust gekomen, mij klaarder vooroverbuigt naar de lichtkern van alle dingen
weet ik: het is niet waar.
Het is geen begin en geen einde,
geboorte niet, sterven niet,
het is een daartussen zwerven
in glans die nog niet bestaat.
Het is tussen gaan en komen
een aanvang van evenwicht:
geboorte en dood houden bevend
hun dwingende hartslag in
en laten een ruimte open
die trilt tussen tijd en tijd:
de haat tussen leven en sterven
is de liefde der eeuwigheid.

(G. Smit, Verzamelde gedichten, Utrecht, Ambo,1969)

Blaren verwijderen, zodat plantjes zichtbaar worden
Niemand heeft U ooit gezien

Slotwoord, zending
Het leven zit binnenin, onder schors, grond, humus…
Om je dat te herinneren, te verinnerlijken en daadwerkelijk te veruitwendigen nodig ik je uit om zo'n knolletje, verdoken onder aarde, mee naar huis te nemen. Met wat zorg wordt het een krokus: aankondiging dat het weer lente wordt.

Krachtige, vrolijke muziek!

top terug