|
|
|
VIERINGEN in het DOMINICUSHUIS |
|||
|
|
Feest heilige Familie
Welkom. Mensen zijn aangewezen op mensen. Dat horen we vandaag verkondigen
Gebed om ontferming vragen we om ontferming, zodat we in zorg en eerbied voor elkaar,
Openingsgebed
Homilie De dagen rond kerstmis en nieuwjaar staat niet
alleen het kind maar ook het gezin centraal. Wie kind zegt, zegt
meteen ook gezin. De gezinsbanden worden die dagen wat nauwer
aangehaald. Men gaat bij elkaar op bezoek, neemt een geschenkje mee,
schrijft kaartjes naar elkaar, wens elkaar het beste, enz., enz. Soms
worden die dagen de familiebanden ook hersteld. In die tijd stond het gezin stond hoog aangeschreven, omdat men toen, veel meer dan nu, op elkaar was aangewezen en men in geval van nood, ziekte, tegenslag enkel kon terugvallen op de hulp of de steun van familieleden; het gezin was de enigste vorm van sociale voorziening. Wij mogen dus vermoeden dat Jezus, in huize Nazareth, heel wat kennis, heel wat vorming heeft opgedaan, dat hij van Jozef en Maria heel wat heeft meegekregen. Van hen kreeg hij ongetwijfeld zijn Godszin : zijn zin voor God. In huize Nazareth wordt Jezus ingewijd in de wet van Mozes en de profeten, leert hij er bidden en geraakt er vertrouwd met de psalmen. Hij leert er de God van Abraham, Isaäk en Jacob kennen. Dat God, die hij Abba noemde zo’n grote rol speelde in zijn leven, had hij ongetwijfeld voor een groot deel van Maria en Jozef. Naast deze algemene gegevens zijn er toch ook een paar concrete gebeurtenissen uit Jezus’ kinderjaren overgeleverd, o.a. de opdracht in de tempel en enkele jaren later zijn achterblijven in die tempel terwijl zijn ouders al naar huis waren getrokken. In het evangelie van daarnet hoorden we de ontmoeting met de oude Simeon en Hanna tijdens de opdracht in de tempel. De oude en wijze Simeon voorziet en voorzegt: deze
jongen zal zijn eigen weg gaan straks. Hij zal mensen winnen en
afstoten. Hij zal worden toegejuicht en uitgejouwd. En dat zal u pijn
doen, zegt Simeon tegen zijn ouders. Hierin zit een geweldige uitdaging voor elk gezin. Kinderen hun eigen weg laten gaan! We vinden het heel logisch en normaal. Maar toch hebben we er heel dikwijls last mee. Het doet pijn; we verliezen hen niet graag. In de grond houden we van meelopers, van moederskindjes en vaderskindjes. Dat is gemakkelijker en prettiger. Deze uitdaging geldt eveneens voor de kerk van Christus. Soms komt het over alsof men daar liever te doen heeft met meelopers. Men heeft er alleszins minder last mee. Wie uit oprechte bekommernis voor het christelijk ideaal en voor die kerk nieuwe wegen zoekt en ook effectief nieuwe wegen gaat die min of meer afwijken van de oude, vertrouwde, traditionele weg, wordt vlug tot de orde geroepen, wordt spoedig aangemaand zich terug bij de karavaan te begeven. Maar zo zullen er ook nooit nieuwe, meer aangepaste wegen worden ontdekt of gevonden. Geborgenheid voelen, warmte krijgen, een echte thuis hebben… blijven zoeken naar elkaar, elkaar trouw blijven, ook wanneer men voor elkaar onbegrijpelijke en onverwachte wegen gaat, elkaar niet laten vallen… daar wordt een mens mens van, écht mens. Het feest van vandaag, het feest van de heilige Familie, zelfs zonder enige verwijzing naar het gezin in Nazareth, heeft recht van bestaan, omdat het een goede gelegenheid is om de dagelijkse realiteit van een gezin naar waarde te schatten. Deze dagelijkse realiteit heeft een onvervangbare plaats in onze menswording: de gratuite, vaak verborgen inzet voor elkaar, de jarenlange trouw, de ongemeten zorg, de samen beleefde vreugde en het samen gedragen verdriet, al het lief en leed, het wederzijds respect… Het is allemaal van onschatbare waarde in het vormingsproces van ons menszijn. Het gezin is een oefenterrein waar de samenhorigheid, de lotsverbondenheid, de verzoening, de liefde worden geleerd, met vallen en opstaan. Waar mensen samenleven, wordt er gemenst, botsen de karakters, meten zich de persoonlijkheden, wisselen ze gedachten uit. In het gezin leert men samen leven, rekening houden met andermans gevoelens en opvattingen, leert men samen oud worden. Waar ouders zeggen: ‘onze kinderen zijn ons heilig’ en jongeren zo denken over hun ouders, lijken ze op de heilige Familie van toen. Voorbeden Mensen zijn aangewezen op elkaar.
Gebed over de gaven
Slotgebed
Zegen en zending
|
||