| |
|
Samenkomen in zijn
Naam
(9 juni -
themaviering)
Waar
er twee of drie in zijn naam bijeen zijn, heeft Jezus beloofd, daar is
hij in hun midden.
Hier zijn we bijeen in zijn naam. Laten we beginnen met zijn kruisteken.
Het Christusteken.
In de naam van Jezus de Christus, gestorven en begraven, verrezen en
verheerlijkt. Amen
Telkens als mensen samenkomen om eucharistie te vieren,. komt hij in hun
midden,
in de woorden van zijn evangelie dat ze beluisteren en bespreken en in
de tekenen van het eucharistisch brood
en de geconsacreerde wijn. Maar Jezus' belofte reikt verder. Waar
en hoe ook mensen zich in zijn naam verzamelen, 's zondags of op
weekdagen, in een kerk of een andere plaats, is hij in hun midden en
mogen ze zijn aanwezigheid vieren. Dat is vandaag het thema van onze
viering.
Maar we spreken ook over het goede gebruik van Gods naam.
Gebed om vergeving
Omdat we uw naam inroepen waar hij niet te pas komt,
omdat we uw naam verzwijgen waar we van u moeten getuigen,
omdat we uw naam misbruiken.
Heer, ontferm U over ons
Omdat we uw naam, God,
niet ontdekken in het verhaal van mensen.
Omdat we U niet vinden
als we anderen gelukkig zien,
als we iemand met verdriet ontmoeten.
Omdat we andere goden achterna lopen,
wierook branden voor een gouden kalf.
Omdat we Uw woord niet horen,
dat spreekt van vrede en gerechtigheid.
Openingsgebed
Wij zoeken naar U, God.
Wij vertrouwen op Jezus
die we vandaag in herinnering brengen,
en in wiens naam we samengekomen zijn.
God, wij bidden dat in dit huis
de hoogten en diepten van ons leven
gevierd kunnen worden. Amen.
Lezingen
Exodus, 20:1-17
Matteüs, 18:15-19
Homilie
Voor belangrijke zaken mogen we Gods naam inroepen,
zo luidt het tweede van de tien geboden. Alleen voor belangrijke zaken,
en altijd met eerbied en ontzag. Gods naam wordt veel te dikwijls
ingeroepen en, veel meer nog, uitgeroepen. Le nom de Dieu. Op z'n
Vlaams uitgesproken is dat een vloek, een onheilig krachtwoord. Mijn
vader heeft zijn zonen op een fatsoenlijke manier leren vloeken. Als je
kwaad bent, zei hij, begin dan niet met 'gotver' te roepen, zeg: 'sapperdeboeren',
en als je heel kwaad bent: 'sapperdeboeren!'. Dat is veel beschaafder,
en zeker even krachtig.
Er zijn veel erger vloeken dan het misbruik van Gods
naam in krachtwoorden. Bijvoorbeeld oorlogswapens zegenen, zoals in het
verleden dikwijls is gebeurd. Of - om een moeilijker voorbeeld te noemen
- als men iemand die een zware tegenslag heeft te verduren, meent te
kunnen troosten met de vrome spreuk 'het is Gods heilige wil'. Zo zijn
er ook predikanten die soms staan te vloeken. Ze beseffen het zelf niet,
of ze maken het zich te gemakkelijk, maar ze brengen God ter sprake waar
zijn naam helemaal niet te pas komt. De Nederlandse franciscaan Paul
Chapel waarschuwt de predikanten, en ook de kerkgangers die naar hen
luisteren.
"God is geen been om op te staan, God is geen
veilig pad om langs te gaan, God is geen invaller als er in het
menselijk elftal een speler uitvalt. God is geen remedie tegen ziekte
of kwalen."
Maar vloeken doen we ook, en vandaag misschien meer
dan vroeger, als we God niet noemen waar zijn naam wel moet uitgesproken
worden. We zijn tegenwoordig al te licht geneigd Gods naam angstvallig
te verzwijgen, uit schrik dat men ons meewarig zal bekijken of voor
ouderwetse kwezel verslijten. Je moet het altijd met eerbied en ontzag
doen, maar soms zie je dingen gebeuren waarvan je weet dat je schroomvol
moet zeggen: hier is Gods voorzienigheid aan het werk. Of neem een ander
voorbeeld. Soms hoor je iemand vloeken dat het klettert. Moet je dan
niet zeggen, beleefd maar vastberaden: 'U kan niet menen wat u staat te
zeggen, of te roepen, want als God u op uw woord zou nemen zou dat
vreselijk erg voor u zijn.
Ik wil het nu verder hebben over de naam van Jezus.
Ook zijn naam wordt nu, op z'n Amerikaans, te pas en te onpas ingeroepen
en uitgeroepen. Je hoort het om de haverklap: 'Jesus!', of nog
krachtiger: 'Jesus Holy Christ!' Veronderstel even dat Jezus zou
verschijnen voor iemand die zijn naam op die manier gebruikt. 'U hebt me
geroepen, wat is er aan de hand?' De kans is groot dat die persoon zou
zeggen: 'excuseer, zo bedoelde ik het niet. Ik bedoelde eigenlijk
hetzelfde als wanneer ik shit! zou hebben geroepen.'
Wij menen het wél voor 100% als we feestelijk zingen of bidden:
'Gezegend hij die komt in de naam des Heren, Hosanna!' Wij menen het als
we hem in herinnering roepen, Jezus, de verrezen Christus, als we de
woorden van zijn evangelie herhalen en beluisteren, als we doen wat hij
heeft voorgedaan.
In het evangelie dat ik heb voorgelezen gaat het niet
over een viering, maar over een rechtsgeding. Iemand die tegen mij iets
misdaan heeft, moet op een eerlijke manier behandeld worden, ik moet er
getuigen bij halen en iedereen aan het woord laten. Als alles eerlijk
gebeurt, wordt ons een ongelooflijk grote macht gegeven. De macht om
vergiffenis te schenken of te weigeren. We mogen er zeker van zijn: als
wij ertoe komen vergiffenis te schenken, wordt die vergiffenis in de
hemel bezegeld. Vaak zijn we uit onszelf te zwak, maar Gods genade stelt
ons in staat een medemens te vergeven. En omdat wij iemand
vergiffenis schenken, wordt ze ook door God geschonken.
Ons is ook de macht geschonken Jezus de verrezen Heer
in ons midden aanwezig te stellen als we samenkomen in zijn naam. Dat
gebeurt op de krachtigste manier in de tekenen van het eucharistisch
brood en de geconsacreerde wijn. Maar brood en wijn consacreren is geen
geïsoleerde handeling. Het heeft alleen zin en betekenis in het kader
van een gemeenschapsviering die gelovige mensen samenbrengt in Jezus'
naam. Los van die viering verliest die handeling van het consacreren al
haar betekenis, en ook haar macht.
Nu kom ik bij een belangrijke vraag. Verliest een
gemeenschap die in Jezus' naam bijeen komt haar macht om hem aanwezig te
stellen als er in haar midden geen gewijde priester beschikbaar is om in
de viering voor te gaan? Die vraag krijgt een des te vitaler belang
naarmate gewijde voorgangers steeds schaarser en ouder worden. Ik kan de
vraag scherp stellen: moeten we er noodgedwongen mee ophouden als
gemeenschap in Jezus' naam samen te komen als we niet meer over een
gewijde voorganger beschikken?
Als je de vraag zo scherp stelt, kun je ook een even scherp en duidelijk
antwoord geven. Neen, we moeten er zeker niet mee ophouden!
Goed, maar wat doen we dan eigenlijk, wat kunnen we
doen als we in Jezus' naam zonder gewijde voorganger in ons midden
samenkomen? Ik zet een aantal dingen op een rijtje die mij evident
lijken.
-
We hebben geen kerkgebouw nodig om in Jezus' naam
bijeen te komen.
-
We kunnen samenkomen om elkaar al biddend
vergiffenis te vragen en te schenken voor wat we verkeerd hebben
gedaan.
-
We kunnen samen bidden en zingen, we kunnen Gods
woord in de Schrift beluisteren en bespreken.
-
We kunnen gaven meebrengen, we kunnen ze offeren
door er een zegen over uit te spreken. We kunnen die gaven met
elkaar delen, we kunnen ze bestemmen om uitgedeeld te worden aan
anderen die er nood aan hebben.
Dat alles doen we in Jezus' naam, om ons geloof als
christen in leven te houden, en omdat we blijven geloven in zijn belofte
dat hij in ons midden komt in de woorden die we uitspreken en de gebaren
en handelingen die we samen doen. We noemen dit niet een
eucharistieviering, want dan zouden we vloeken. Maar we noemen het in
elk geval een viering en we blijven ze vieren, want we mogen ook niet
vloeken door Jezus' naam te verzwijgen of te vergeten.
Voorbeden
Opgeroepen door Jezus van Nazaret om in broederlijke en zusterlijke
liefde voor elkaar zorg te dragen, bidden wij tot zijn God die ook de
onze is.
‘Als je broeder je iets misdaan heeft’! Blijven de
toegebrachte kwetsuren.
We hopen dat wat ons onmogelijk lijkt, oprechte verzoening, toch
mogelijk wordt,
liever vandaag dan morgen. Laten wij
bidden:
‘Pas op dat je niet op een van deze kleinen neerkijkt!’
Bidden we dat in onze gemeenschap
ruimte is voor iedereen,
voor denkers en doeners,
voor klein en groot. Laten wij
bidden:
‘Wat jullie op aarde binden of ontbinden, zal ook in de hemel
gebonden of ontbonden zijn!’
We moeten ons afvragen, God, of we niet te gemakkelijk mensen uitsluiten
uit
onze kring van gelovigen; mensen met een andere opvatting, een andere
cultuur,
een andere godsdienst of filosofische overtuiging.
We hopen dat onze gemeenschap een open gemeenschap mag zijn. Laten
wij bidden:
Over gestorven mensen spreken we gemakkelijker goed dan over
levenden!
Zij blijven aanwezig in het goede dat zij deden. Zo blijven we hen
gedenken.
Bidden we om aandacht voor levenden die goed handelen zodat we elkaar
meer
gaan bemoedigen en waarderen, hier en nu. Laten
wij bidden:
God, waar er twee of drie in uw naam bijeen zijn, daar bent U in
hun midden;
U hoort ons bidden, U blijft onze kracht als we proberen waar te maken
waarvoor
wij bidden, vandaag, morgen en altijd opnieuw, tot in eeuwigheid.
Amen.
Offerandegebed
God, door het delen van dit brood en deze wijn willen we gemeenschap
vormen met elkaar, wereldwijd, en met U. We willen dat wel, God, maar er
gebeuren telkens weer dingen die ons van elkaar scheiden, zelfs van
mensen van wie we echt veel houden. We hopen dat we zoals Jezus, wegen
vinden die ons dichter bij elkaar brengen. Daarom gedenken we hem
dankbaar tijdens het vieren van deze maaltijd. In het stellen van dit
teken belijden we ons voornemen tot solidariteit met vele mensen,
vandaag, morgen en tot in eeuwigheid.
Slotgebed
Wij blijven zoeken naar U, God.
Wij hopen en vertrouwen op ‘Jij die bent ik zal er zijn voor u’.
Daarom bidden wij U
om inspiratie voor ons leven in een drukke wereld. Amen.
Uitgebreide zegen
Bevelen wij elkaar aan in de hoede van de Eeuwige:
zegene ons de grote Naam.
Met vrede gegroet en gezegend met licht
Voor wie zoeken in de stilte
naar een vuur voor hart en handen
Voor wie zingen op Gods adem
van de hoop die niet zal doven
Voor wie roepen om vrede,
van gerechtigheid dromen
Voor wie wachten in vertrouwen
dat de liefde zal blijven
Het licht van Gods ogen gaat over u op!
De Zon van zijn vrede als een nieuwe dag!
Met vrede gegroet en gezegend met licht
(Sytze de Vries)
top
terug
|
|