|
Gemeenschapsviering
(15 juni -
Drievuldigheid)
In het
midden van de ruimte staan: de Paaskaars (niet aangestoken)
een kruik met water en bekken
drijfkaarsjes
Muziek
Openingslied: Zingt van de Vader, zingt van de Zoon, zingt van de
Geest
Welkom
in deze viering
Hebben jullie het gemerkt? We zijn deze gebedsviering begonnen met het
zingen van het kruisteken. 'Zingt van de Vader, de Zoon en de
Geest'.
In een uitgebreide inleiding, meteen preek, willen we vandaag o.a. het
kruisteken eens wat meer in het licht plaatsen.
Dat kruisteken, dat we misschien dagelijks maken, waarmee elke
eucharistieviering begint, maakten we vandaag zingend. Dat oude
vertrouwde gebaar is hét geschikte teken om er ook de zondag na
Pinksteren onze viering mee te beginnen. Het blijft het teken bij
uitstek, voor mensen van de Jezusbeweging(zoals de kerk vorige week door
de predikant werd genoemd), mensen die bijeenkomen. We vieren op deze
zondag trouwens Gods drievuldigheid. Maar waar slaat het eigenlijk op
als we zeggen: ' Ik geloof in de Vader, de Zoon en de Geest, één God in
drie personen’? Overtuigde gelovigen en twijfelaars kunnen hun gedachten
misschien goed herkennen in de woorden van een bekend lied van H.
Oosterhuis. "Hoe is uw naam, waar zijt Gij te vinden,
Heer,onze God, wij willen U zien?" De christelijke traditie zegt: God
heeft geantwoord. God heeft zich op veel plaatsen, op allerlei manieren
laten vinden. Hij heeft zich onder veel namen geopenbaard, maar drie
namen vatten ze allemaal samen: Vader, Zoon, Geest.
God is overal te vinden, en door het kruisteken vatten we dit ook samen
in drie dimensies van onze ervaring: boven ons, in ons, naast ons.
Zijn drie traditionele namen, daar hebben we het misschien moeilijk mee.
God is ook niet zomaar te benoemen. Misschien kunnen we zijn namen beter
zien als richtingwijzers. Ze wijzen de richting aan waarin we moeten
kijken om iets van God te ontdekken. God ontdekken kunnen wij, mensen
enkel in deze wereld. God laat zich enkel kennen binnen in
de wereld, door zijn werking in de wereld. In deze, onze wereld
sprak Jezus van zijn onnoembare God als Vader. In deze, onze wereld
maakte Jezus van Nazareth geschiedenis. Tijdgenoten van Jezus zegden
niet: ' Kijk, Jezus, daar loopt God'. Ze zagen een mens. Een mens die
God zichtbaar aanwezig heeft gesteld. In deze wereld, toen en nu, wordt
de Geest beloofd, en gezonden als het Pinksteren wordt.
God gaat al onze beelden, al onze begrippen en woorden te boven. Om dit
dan toch uit te drukken is er waarschijnlijk geen betere dan die van de
christelijke traditie: God is Vader, Zoon en Geest.
Op deze zondag van de Drievuldigheid sluiten we een periode van het
kerkelijk af. De paastijd is voorbij, na vandaag.
In onze gemeenschapsviering willen we de weg van Pasen tot Pinksteren
nog even afleggen aan de hand van, vooral drie symbolen:
-
licht en water
brengen ons bij paaservaringen, paaservaringen in een
mensenleven;
-
licht en vuur
staan voor de geestdrift van het pinkstergebeuren.
Enkele weken geleden hebben we deze nieuwe paaskaars aangestoken. Ze
staat symbool voor het paasfeest; voor het feest waarop Jezus nieuw
leven brengt; voor het feest waarop Jezus nieuw licht wordt en zo de
duisternis van het kwaad en van de dood verdrijft. Voor ons christenen,
leden van de Jezusbeweging, vormt dat de kern van ons geloof: Jezus
heeft ons voorgeleefd hoe het negatieve, het kwade niet het laatste
woord heeft.
Maar dit geloof houdt ook een opdracht, een zending in: we worden
uitgenodigd om, elke dag opnieuw, in concrete daden te werken aan een
wereld met meer liefde, meer menselijke warmte en meer solidariteit. We
kunnen meer broeders en zusters worden voor elkaar. Vorige week, op
Pinksteren hebben we gevierd dat we bij deze opdracht, deze zending er
niet alleen voor staan. God blijft bij ons. Hij inspireert ons met zijn
geest. Hij moedigt ons aan om naar buiten te gaan en om in onze omgeving
te werken aan zijn droom: een wereld van vrede en rechtvaardigheid.
Al deze elementen willen we in deze gebedsviering centraal stellen: het
geloof van Pasen dat we door onze hernieuwing van het doopsel in 2003
weer hebben bekrachtigd; en de opdracht die bij het christen-zijn hoort
waarbij we worden geïnspireerd en bemoedigd door
de Geest van Pinksteren.
Muziek
Lector 1:
We willen deze viering verder zetten met het aansteken van de Paaskaars;
het symbool van nieuw leven (Paaskaars wordt ontstoken).
Bidden we nu samen op de
gebedskaart:
Heer God,
ontsteek ook nieuw licht in ons leven.
Verwarm ons hart opdat wij elkaar erkennen:
dat onze blinde ogen worden verlicht
en dat onze dove oren gaan horen.
Geef dat wij de woorden van Jezus gaan begrijpen en navolgen,
Hij die het eigenlijke licht is dat ieder mens verlicht.
Lied aan het licht
Lector 1:
Niet alleen licht maar ook water doet groeien en brengt nieuw leven.
Water zuivert, water verfrist. Door ons doopsel met levengevend water
zijn wij christen, volgeling van Jezus geworden. Ook hier is het
kruisteken teken van de christelijke identiteit. Wij dopen kinderen in
naam van de die-ene God: Vader, Zoon en Geest.
Kruik
wordt leeggegoten.
Muziek
Bidden we verder:
Heer God,
overspoel ons met levend water,
maak ons sterk en moedig,
fris en nieuw.
Laat ons ons hele leven laven aan de levende Bron,
zodat we ons inzetten voor allen die ons omringen.
Muziek
De Geest van de Heer maakt ons geestdriftig
lector 1:
Met water zijn we gedoopt, zijn we christen geworden. Dit houdt echter
ook een opdracht in. We worden door Jezus de wereld ingezonden om zijn
woorden en zijn leven verder te zetten. Om dit te kunnen, vragen we dat
Gods geest, Gods bemoediging bij ons moge zijn. Mogen wij net als de
leerlingen van Jezus geestdriftig worden.
Drijfkaarsen worden één voor één aangestoken met vuur van de Paaskaars.
Er wordt per kaars de volgende tekstjes gebeden. Na elk gebed worden
respectievelijk de woorden Geest, warmte en licht
aangebracht op de drijfkaarsen.
Lector 2:
Begeester ons, God. Opdat wij de kracht zouden hebben om volgelingen van
Jezus te worden en durven getuigen van ons geloof in woord en daad.
(Geest)
Begeester ons, God.
Opdat de vlam van ons geloof mensen om ons heen in wiens hart kilheid
overheerst moge verwarmen.
(Warmte)
Begeester ons, God.
Opdat wij een licht mogen zijn die de duisternis en het verdriet
verdrijft.
(Licht)
Slot/zending
Lector 3:
Wij worden als christenen gezonden om van anderen te houden. Hiertoe
heeft God ons het leven gegeven. Hiertoe zijn wij geschapen. Daarom tot
slot de volgende gedachte:
Op de zesde dag
schiep God de mens.
En de mens begon haastig te leven
want hij dacht:
Ik heb hooguit honderd jaar de tijd
om te vinden en te zien.
En hij keek wel uit voor de ander
want hij vreesde:
die ligt me in de kortste keren voor.
En hij dacht maar weinig na, de mens,
want hij meende:
Ik moet vooruit, de breedte af, de hoogte in.
Uit andermans
dood, bakte hij zijn brood
om tijd te winnen, en zijn devies werd:
komen, zien en overheersen.
En de mens draaide zich een rad voor de ogen.
Dat schoof hij onder de tijd
en noemde het ‘vooruitgang’.
Toen legde hij zich vleugels aan,
hij raasde door de lucht
en noemde het ‘welvaart’.
Tenslotte zag
hij geen kans meer
om nog tijd te winnen,
en uitgehold en moe gevlucht,
ging hij zitten
en noodgedwongen dacht hij na...
Toen keerde hij
terug
naar de plaats waar hij gemaakt was: de aarde.
En de mens huilde om eeuwen voorbij
en kinderen verloren.
Daarna stond hij op, de mens
en ging naar een ander mens;
hij ging naar velen, en zei:
zullen we toch maar samen gaan?
We leven maar kort,
maar we hebben een zee van tijd.
Ga met ons
jouw weg
Muziek
top
terug
|