VIERINGen in het DOMINICUSHUIS

 
   

 

 

Voor elkaar vrede zijn
(7 april - tweede paaszondag)

Vrede’. Driemaal zullen we tijdens de lezing van het evangelie Jezus die wens voor zijn leerlingen horen uitspreken. Het is zijn paaswens, zijn verrijzeniswens.
Christenen vandaag, wij dus, kunnen dit als volgt vertalen: belangloos proberen iedere medemens, alle volkeren, culturen en godsdiensten tot ontplooiing brengen en die verscheidenheid in vrede maken tot een rijkdom voor allen.
Dan gebeurt er nu reeds opstanding en verrijzenis.
Om van die vredeswens van Jezus reeds iets te proeven zijn we hier samen, rond het woord van Jezus, rond het brood en de beker van het verbond.


Gebed om vergeving

- Heer, ons lief en leed is Uw grote zorg
en vrede tussen mensen is uw wens.
Levend in onvrede kwetsen wij elkaar en ook U.
Daarom vragen wij:
Heer, ontferm U over ons

- Christus, omdat ik soms meer bezig ben met het zoeken naar bewijzen
van jouw bestaan in boeken
in plaats van me - zo maar - aan U toe te vertrouwen en te bidden,
Daarom vraag ik:
Christus, ontferm U over ons

- God, die ons de aarde toevertrouwt, U weet dat wij vrede en gerechtigheid
waar kunnen maken. Levend in ongerechtigheid vernietigen wij elkaar,
en
ook U, God van Jezus.
Daarom bidden wij:
Heer, ontferm U over ons

Openingsgebed

God, in ons midden bent U aanwezig, verborgen en toch nabij, een mens om van te houden. Uw wil geschiedt overal waar mensen er zijn voor elkaar.
Wij hopen en bidden dat wij uw wil mogen waar maken, U die vrede en vergeving bent, onze oorsprong, nu en tot in eeuwigheid.
Amen.

Homilie

Thomas is voor ons een bekende en ook een heel bijzondere figuur. Vraagt men aan de mensen enkele namen van apostelen te noemen, dan is Thomas er ongetwijfeld bij. Voorzeker heeft dat iets te maken met dat bijvoeglijk naamwoord ‘ongelovig’. Voor ons is Thomas immers de ‘ongelovige Thomas’.
En nochtans … was Thomas wel zo ongelovig? Of was hij mee ongelovig dan de andere leerlingen?
Waarom?
Omdat hij niet onmiddellijk geloofde op het zeggen van de leerlingen? Hebben de leerlingen zelf wel onmiddellijk geloof geschonken aan het getuigenis van de vrouwen? Zij waren toch de eerste getuigen van Jezus' verrijzenis en zij zijn het gaan melden aan de leerlingen; op hun getuigenis werd echter minachtend gereageerd. Met het getuigenis van een vrouw wordt weinig of geen rekening gehouden, maar op het getuigenis van een man zou iedereen onmiddellijk moeten geloven … Waarom?
Thomas is niet meer ongelovig of gelovig dan de andere leerlingen, maar hij heeft nu eenmaal de naam. Juist dat maakt hem misschien zo sympathiek. Wij voelen ons een beetje verwant met hem, omdat ook voor ons geloof in God, in Jezus, in zijn verrijzenis niet altijd zo evident is dat we er helemaal geen vragen bij hebben.
Thomas heeft trouwens nog een bijnaam: ‘Didymus’, wat tweeling betekent. Hij is onze tweelingbroeder; temeer omdat wij, net zoals hij, ons ook vragen durven stellen omtrent ons geloof.

Maar laten we de figuur van Thomas nu even rusten en letten we op de boodschap van een paar eenvoudige zinnetjes in dit evangelieverhaal.
De leerlingen waren vervuld van vreugde toen ze de Heer zagen’.
En dat is goed te begrijpen. Ze waren Jezus gevolgd, ze hadden er veel voor opgegeven en prijsgegeven. Jezus was geleidelijk een plaats gaan innemen, niet enkel bij hen maar ook in hen. Hij was hun leven gaan vullen en vervullen. Maar plots wordt die Jezus uit hun leven weggerukt, op een schandelijke manier. Zijn kruisdood bracht een enorme leegte teweeg in hun leven. Ze stonden er weer alleen voor; vandaar: droefheid, ontgoocheling, verbittering, ontreddering …
En opeens staat Jezus terug in hun midden. Hij, hun steun, hun houvast de vervulling van hun leven was er weer. Grote vreugde en blijdschap.
De diepste vreugde die een mens kan ervaren is het feit dat er iemand in ons leven treedt, iemand die ons leven deelt, die met ons gaat; iemand die niet enkel bij ons is, maar die ons leven zin en inhoud geeft, die ons leven vult en vervult. M.a.w. de diepste vreugde die een mens kan ervaren is de vreugde van de vriendschap, van de liefde. En het is die liefde die de bron is van diepe vreugde en grote kracht.

Zoals de Vader mij zendt, zo zend ik u.'
Zoals God Jezus heeft gezonden om bron te zijn diepe vreugde door het leven van de leerlingen te vervullen, zo werden op hun beurt de leerlingen gezonden, en ook wij, om voor elkaar vreugde te zijn , door elkaar nabij te zijn, heel nabij; door met elkaar door het leven te gaan, door elkaars leven te delen in wel en wee.

Vrede zij u.'
Tot driemaal toe wenst Jezus hen de vrede. Vrede, in het hebreeuws ‘shaloom’, is een rijk begrip. In de grond komt het hier op neer; ik wens je alles wat goed voor je is. En eigenlijk is dit voor iedereen verschillend. Concreet betekent dit: brood voor de hongerigen, recht voor de verdrukten, uitzicht voor de ontmoedigden, rust voor de angstigen. Voor die vrede had Jezus zich altijd ingezet. Hij had er zich zelfs aan bezeerd, gewond. Hij toonde hun zijn handen en zijn zijde. De wonden tonen hoever hij gegaan is. Jezus toont zich aan ons zoals hij wil gezien worden: niet als een ontoegankelijk licht, maar als een gekwetste, omwille van het welzijn van de mensen.
Jezus zendt ook ons om voor elkaar vrede te zijn. Zoals Jezus dienen ook wij op te komen voor recht en gerechtigheid, voor bevrijding van onderdrukten, brood voor de armen, en noem maar op. We moeten ons eraan verbranden. Om het echte goed van de mensen, en voor ieder mens moeten wij ons durven bezeren, ons eraan verbranden. Net zoals Jezus zullen wij her Rijk Gods binnengaan als een gekwetste.

Als gij iemand zonde vergeeft dan zijn ze vergeven …
Jezus bracht vaak vrede en vreugde door vergeving. Hij zendt ook ons om voor elkaar vergeving te zijn. Hebben wij ooit al eens echt iemand vergeven? Hebben wij zelf ook als eens echt vergeving ontvangen? Dan zullen we ongetwijfeld ook wel weten wat vrede en vreugde is.

Ontvangt de heilige Geest.'
Jezus was helemaal bezield door de heilige Geest. Hij leefde vanuit de geest van God, de nieuwe geest, die nieuwe mentaliteit. De Geest die ook Jezus bezielde.
In de mate dat wij bezield worden door Gods Geest, zullen wij heerlijker worden, humaner, in die mate zal ook de maatschappij veranderen; in die mate wordt het Pasen, verschijnt de verrezen Heer in ons midden.

Voorbeden

God, zo onbereikbaar, zo nabij,
wij bidden tot U vol vertrouwen
en vragen U:

Om eensgezindheid en vrede
tussen allen over heel de wereld, die in u geloven,
tussen de kerken en de godsdiensten,
tussen de volkeren, ongeacht kleur of ras,
tussen alle rangen en standen.

Om een geloof dat troost en sterkt,
in openheid en vrijheid,
dat ruimte geeft en vertrouwen aan elkaar.

Om opstanding uit verslaving,
om bevrijding uit geweld, drugs en drank,
om verheffing boven slechte eigenschappen.

Om een gelovend samenzijn op dit moment,
om stevige handen waarmee we willen bouwen aan uw rijk van vrede,
om verrijzenis van onze gestorvenen…(stilte)

God, mogen wij de zending, die Jezus toen gaf en nog altijd geeft, waar maken in woord en daad, vandaag en elke dag opnieuw, tot in eeuwigheid. Amen.

Gebed over de gaven

God van leven, Jezus is licht en uitstraling van uw droom, beeld van vrede en verzoening.
Hij gaf zich ten einde toe. Brood om van te leven is hij, beker
van een nieuw verbond tussen de mensen.
Wij bidden dat wij elk-ander mogen doen wat hij heeft voorgedaan,
vandaag en tot in eeuwigheid.
Amen.

Slotgebed

God, als mijn twijfel en ongeloof opduikt,
wil mij dan helpen
met heel mijn hart
in Jou te geloven
en me aan Jou over te geven.
Geef mij dan de durf
om van dat geloof
te getuigen
en een mens van vrede en vreugde te worden.
Vandaag, morgen en alle dagen.
Amen

top terug