Dominicanen Leuven Zondagspreken
  20 februari  -zevende zondag Afdrukken
 

 

Lezingen:

Jesaja 49,14-15
Matteüs 6,24-34

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


De kringloop van haat en wraak doorbreken


Wees niet haatdragend, wijs elkaar terecht.
"Oog om oog maakt de hele wereld blind" zei Mahatma Ghandi.

Wraak nemen helpt de wereld niet vooruit. Daarom zei Jezus:
"Gij hebt gehoord dat er gezegd is:
Gij zult uw naaste beminnen
en uw vijand haten.
Maar ik zeg u:
Bemint uw vijanden
en bidt voor wie u vervolgen."

Deze wijsheid komt uit de Bergrede van Jezus.
De Bergrede:- een mooie benaming omdat ze is uitgesproken op een berg en ook wel omdat die woorden ons de hoogte inlokken.
En met het Jezuswoord ‘Bemint uw vijanden’ zitten we zeker op de top van de berg. Daar worden we duizelig van, dat is voor ons te hoog.


Zowel Mozes als Jezus spreken ons vandaag toe van op een berg. Hun uitspraken zijn inderdaad topuitspraken die in ons leven topervaringen zouden moeten worden; "Wees heilig want ik, de Heer uw God, ben heilig" "Wijs elkaar terecht" "Bemint niet alleen je naaste maar bemint uw vijanden en bidt voor wie u vervolgen".

Dit zijn topuitspraken waar elke mens het normaal lastig mee heeft. En elke verdere uitleg geeft mij het gevoel dat deze zware woorden ermee ontkracht en verzwakt worden.
Deze uitspraken kunnen we slechts aanvaarden en ons eigen maken als we de mens bekijken zoals God de mens bekijkt. God laat de zon schijnen over goeden en kwaden. God beschouwt zowel de goede als de kwade mens als zijn schepsel, Hij maakt geen onderscheid.

Bij broeder Christian, een van de zeven trappisten monniken die vermoord werden in Algerije las ik het volgende: "Wij zouden geen christenen - en geen ware mensen – meer zijn als wij de ander beroofden van zijn verborgen dimensie om hem zogenaamd ‘van mens tot mens’ te ontmoeten. Je kunt de mens niet ongestraft ontdoen van elke verwijzing naar God, van elke persoonlijke en dus unieke relatie tot de Gans Andere en van elk uitzicht op het mysterie dat ons overstijgt." (p.192)

Met andere woorden: elke mens is en blijft een kind van God ook al zien wij in hem een vijand.

Bij pastoor Dries Morel las ik een mooi verhaal over de gang van zaken in een Duits concentratiekamp tijdens de oorlog: "Elke avond kwam een brutale SS-bewaker de barak binnen om steeds maar dezelfde man af te ranselen. De andere gevangenen zagen dit met machteloze woede elke avond gebeuren. Tot op een avond een van hen de man tegemoet ging en zei: "Als je toch elke avond iemand moet afranselen, neem mij dan eens voor de variatie". De bewaker bleef een ogenblik stom van verbazing. Toen zei hij: "Schön, ik zal jou vandaag dan maar nemen. En omdat je jezelf aanbiedt, mag je zelf zeggen hoeveel slagen ik je moet geven". De gevangene antwoordde: "Dat laat ik aan uw geweten over".

Nu was de SS-man compleet verrast: "Ik heb geen geweten" zei hij. "Natuurlijk heb je een geweten, zei de gevangene, anders had je mij allang afgeranseld". De man stond stil en vertrok zonder nog een woord.… Die bewaker is nooit meer terug gekomen om zijn vijand af te ranselen. (p.106)

Dit verhaal leert ons dat God, de Heilige, onweerstaanbaar zichtbaar wordt zelfs in de onmogelijkste mensen. Het toont ons ook dat ‘wees heilig want ik, uw God, ben heilig’ zijn voltooiing krijgt in de toevoeging ‘wijs elkaar terecht’. Juist doordat de gevangene de moed gehad heeft de brutale bewaker zijn ware mens-zijn te laten zien door een beroep te doen op zijn geweten, zien we dat ons ‘heilig zijn’ niets anders is dan een teken van Gods mysterieuze aanwezigheid; dat, spijts alle smerigheden van ons mens-zijn, nooit teniet gaat en dat een ontwapenend woord of gedrag kan volstaan om de helse kringloop van haat en wraak te doorbreken.

E. Costermans o.p.

Inspiratie:

Ivo Dujardin, De droom van Tibhirine. Lannoo 2009
Dries Morel, Zijn verhaal is ons verhaal. Tabor 1993

 
   Terug