Dominicanen Leuven Zondagspreken
  11 december 2011 - derde adventszondag Afdrukken
 

 

Lezingen:

Jesaja 61,1-2a.10-11
Johannes 1,6-8.19-28

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


God leren nemen zoals Hij is


Kerstmis zal een dag van jubelen en juichen zijn in de Heer.
Men zal verheugd zijn omdat onze redder geboren wordt waarop al onze hoop is gevestigd.
Geknechte en wanhopige mensen zullen gered worden. Johannes de doper heeft met volle overgave getuigd dat midden onder ons het heil aanwezig is, maar we hebben het niet herkend.
Woorden van hoop uitzaaien zou de vreugde van elke christen moeten zijn.

Wees blij, wees altijd verheugd, zegt Jesaja in de eerste lezing: want onze God heeft zijn dienstknecht gezonden om aan armen de blijde boodschap te verkondigen dat Hij allen zal genezen wier hart gebroken is, dat Hij de gevangenen zal vrijlaten en dat Hij een einde zal maken aan de uitbuiting. En er word een genadejaar van de Heer aangekondigd.

Maar wat blijft er in onze tijd nog over van die 'blijde' boodschap?
"Oma", zei een meisje van 12 jaar, "ik geloof niet meer in God. Kijk, Blackie onze hond was ziek en ik heb gebeden en gebeden en toch is Blackie dood gegaan. Waarom zou ik dan nog bidden? God doet toch niets."

Dit kind spreekt uit wat vele mensen in hun hart denken en ook wel uitspreken: dat die zogenaamd blijde boodschap van God en zijn dienstknecht Jezus hen allesbehalve blij maakt. Want, zeggen zij, hoe kan een God die begaan is met zijn volk, toelaten dat een moeder van jonge kinderen sterft, dat kinderen door een dodelijke ziekte of door een dom ongeval weggerukt worden?. Waarom moeten er zoveel mensen van honger omkomen? Waarom is er overal oorlog en vloeit er zoveel onschuldig bloed? Waarom krijgen sommige mensen miserie op miserie en blijven anderen gespaard?"
Als gelovig mens staan wij daar bedremmeld bij en moeten ons zwijgend laten uitmaken als naïevelingen die ons laten begoochelen met illusies.

Onze voorouders in het geloof leerden ons dat we in alles Gods wijze Voorzienigheid moesten zien. Alles wat goed gaat was genade van God. Alles wat verkeerd liep werd door God toegelaten om de mensen op de proef te stellen. Veel mensen, en niet alleen ouderen, blijven, wat religie betreft, hun hele leven vastzitten in dit patroon dat ze geleerd hebben in hun kinderjaren en raken nooit verder in hun geloof.

Nog veertien dagen en we vieren Kerstmis. We verwachten Jezus, de Messias, de gezalfde van God die ons zal verlossen. Maar, maakt de aankondiging van Jezus’ geboorte u echt nog blij? Of stelt ge u niet eerder de vraag: Ja, wat verwachten we nu eigenlijk? Hoe trekt God zich het lot van de mensen aan en hoe brengt Jezus echt verlossing?

Voor ons christenen staat de aangekondigde vreugde in schril contrast met alles wat vierkant draait in onze wereld. Hoe is christelijke vreugde te verzoenen met zoveel aardse ellende? Dikwijls weten we echt niet meer hoe we ermee verder moeten.

Misschien vinden we in de literatuur van mystici toch wel een spoor dat ons verder kan helpen. Zij schrijven dat ze als het ware overvallen werden met een gevoel van vreugde juist op momenten van diepste ellende.
Zo schreef de grote franse filosoof Blaise Pascal, juist in de tijd dat hij geteisterd werd door lichamelijke kwalen: "God van Jezus Christus. Vreugde, vreugde, tranen van vreugde. En Etty Hillesum schreef, terwijl ze de gruwelen in het concentratiekamp Westerbork beleefde, dat ze ondanks de wreedheden momenten van intense vreugde en dankbaarheid jegens God ervaarde. Het blijkt inderdaad dat, zoals men in de diepste duisternis het best de pracht van de sterrenhemel ontwaart, mensen in de diepste nood des te scherper de diepte van het leven ervaren.
Dietrich Bonhoeffer zegde het als volgt: "Gevaar en nood drijven ons dichter naar God. Vast staat, dat wij niets kunnen eisen van God maar alles mogen vragen. Vast staat, dat in het lijden onze vreugde, in het sterven ons leven verborgen ligt."

De Advent roept ons op tot bekering en tot een grondige bezinning over onze verwachtingen wat betreft Jezus en de God van Jezus. Ja, de verwachtingen die wij tegenover God koesteren moeten we telkens verfijnen.

We moeten leren God te nemen zoals Hij is, niet zoals wij Hem zouden willen. God laat zich telkens anders zien dan wij verwachten. Johannes de doper zegde het reeds: "De Messias naar wie gij zo uitgezien hebt, staat midden onder u en gij erkent hem niet."

Niemand van de leerlingen van Jezus had ooit verwacht dat Jezus op het kruis zou sterven. Zoals zij het pas veel later, na Zijn lijden en Zijn dood begrepen hebben, zo spoort de adventstijd ons aan om onze verwachtingen uit te zuiveren: ondanks pijn en leed zullen wij dan troost en vreugde ervaren, want het kind dat geboren wordt wijst ons een weg van liefde en gerechtigheid, van vreugde en blijheid ondanks en doorheen al de pijn en het verdriet die we in onze wereld ervaren..

E. Costermans o.p.

Eric Vanden Berghe, Van U is het Woord, Lannoo 1999, blz. 291-292
Tijdschrift voor verkondiging 2011, blz. 362-366 
 

   Terug