Dominicanen Leuven Zondagspreken
  22 januari 2012 - derde zondag B Afdrukken
 

 

Lezingen:

Jona 3,1-5.10
Marcus 1,14-20

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


Gods koninkrijk doen komen


Toen ik nog op het college studeerde, vertelde mij een medeleerling dat hij de avond voordien naar een preek van de volksmissie in zijn parochie was gegaan. Daar had de predikant, gezegd: ‘Het einde van de wereld is nog nooit zo nabij geweest als nu!" De mensen waren gepakt, zei mijn klasgenoot. Eigenlijk zei die predikant iets dat iedereen weet: het einde van gelijk wat is nooit dichter dan op dit moment.
Met die uitspraak wilde hij in feite zeggen: ‘Mensen, je leeft nu en het is nu dat je iets van je leven moet maken. "

Met zulke boodschap trok volgens het verhaal ook Jona naar Nineve. Het klonk als een bedreiging, maar het was in feite een oproep tot bekering en… de profeet kreeg gehoor. Jezus deed ook zulk een oproep, maar volgens het evangelie op een heel positieve wijze: ‘De tijd is vervuld en het koninkrijk van God is nabij’. Het is tijd om zich werkelijk in te zetten voor datgene wat telt. In feite is het elke dag opnieuw de tijd om zich voor de zaak van Jezus in te zetten. Zulke uitspraak klinkt nogal vroom, dat weet ik. Maar dat is ze in feite niet.

Deze week schreef iemand op het internet een commentaar over de economische crisis, waarover wij bijna elke dag wel iets horen. Hij schreef: "De economische crisis is meer dan de crisis van de economie en de ethiek. Ten gronde hebben we te maken met de spirituele crisis van een Europa dat zijn geestelijk kompas kwijt is." In zijn opvatting gaat het in onze samenleving veel te veel over de vragen van de economie en te weinig over de andere elementen van het leven: te veel over geldgewin en snelle winst en zo meer als graaicultuur, de angst bij vele mensen, de vlucht soms uit het leven. En veel te weinig over positieve elementen en uitdagingen, en die zijn er ook.

Wanneer Jezus zegt dat het ‘Gods koninkrijk nabij is’, heeft Hij het ook over een wereld waarin goede en kwade aspecten te vinden zijn. Hij wil echter vooral wijzen op de innerlijke kracht, die Hij wil brengen om er het beste van te maken wat mogelijk is. Het Rijk Gods is meer dan een gemeenschap van gebed en inkeer tot God. Als Jezus over dat ‘Rijk Gods’ spreekt, heeft Hij het over de innerlijke kracht en inspiratie van het samenleven van mensen: de inspiratie die de diepste waarden van het leven van een mens wil naar boven laten komen. Dan gaat het uiteraard over de liefde als de centrale sleutel, zoals Jezus ook preekte en wilde gerealiseerd zien. Dan gaat het concreet om zorg voor alle mensen in deze wereld: zorg dat mensen niet moeten achterblijven, dat mensen steun krijgen, dat mensen zich verbonden voelen. Zijn boodschap is een boodschap die altijd weer wegen wil zoeken en de hoop levend houdt doorheen alles.

Als Jezus zo spreekt, gaat het ook om mensen die zich hiervoor willen inzetten. Jona was zo iemand. Niet dat hij dat meteen graag deed. Wie het hele verhaal van Jona kent, weet dat hij eigenlijk niet naar Nineve wilde gaan. Hij vluchtte en Jahwe redde hem met een walvis als hij over boord van het schip was geworpen. Ook als mensen menen ‘er geen doen aan te zien’ kunnen zij het wellicht toch. De leerlingen werden ook aangesproken. Zij moesten vissers van mensen worden. Dat klinkt erg onvriendelijk, alsof mensen zich moeten laten vangen. Misschien moeten wij eerder naar het beeld van de ‘vissers’ kijken. Vissers kunnen uren lang heel geduldig zitten kijken met de hoop iets te vangen en niet met een lege mand naar huis te moeten rijden. Maar zelfs als het tegenvalt zitten ze er een van de volgende dagen er toch weer.

Zelfs als het thans, in deze tijd, voor onze kerk niet gemakkelijk is, blijft het nodig dat mensen durven uitgaan, Jezus achterna, en met zijn zorg voor dat Rijk van God, elke dag opnieuw. In deze week waar elke dag gebeden wordt voor de eenheid van alle christenen, willen wij bidden dat alle kerken zich eensgezindheid daarvoor blijven inzetten.

Mark De Caluwe o.p.

   Terug