Dominicanen Leuven Zondagspreken
  4 januari - Openbaring Afdrukken
 

Lezingen:


Jesaja §0,1-6
Efesiërs 3,2-6
Matteüs 2,1-12

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


God die met ons meegaat


Wij vieren vandaag het feest van de Openbaring. Maar wat bedoelt men daarmee? Een hele tijd was dit feest in het Westen onbekend, terwijl het in Oost-Europa het kerstfeest overschaduwde. Hoe komt dat?
In Oost-Europa kende men de 'verschijning' – zeg maar 'epifanie' - van de koning of de keizer, waarin hij aan het volk 'verscheen' als hun heer en weldoener; zo iets als de Blijde Inkomsten bij ons. Het Oosten vierde dan ook wel het kerstfeest als herdenking aan de geboorte van Jezus, maar dat die Jezus Gods Zoon was, onze weldoener en redder zoals de keizer of de koning, dat kwam pas tot uiting bij Jezus' doop wanneer de Vader uitriep: "dit is mijn welbeminde Zoon " of bij het eerste wonder dat Jezus verrichtte op de bruiloft van Kana. Die twee gebeurtenissen werden in het Oosten dan ook heel speciaal gevierd op het epifanie-feest, waaraan het kerstgebeuren a.h.w. inleidend voorafging.

Bij ons, in het Westen, bleef de nadruk liggen op de verhalen die de bijbel aanvoert en heel speciaal over blijde gebeurtenis van Jezus' geboorte. Kerstmis was – en is - bij ons dan ook hèt hoogfeest van Jezus' kindsheid. Maar men kon natuurlijk niet blind zijn voor de openbaring van Jezus' grootheid waarover het evangelie vertelt. Ook hier echter kreeg een verhaal uit Jezus' kindsheid de nadruk en epifanie kreeg in de volksmond de naam van het Drie-Koningenfeest. Jezus' doop en het Kana-wonder kregen elders wel de nodige aandacht.
Het is echter duidelijk dat ook het verhaal van de drie koningen geheel in de lijn ligt van Jezus' onthulling als de Redder, als de Heiland, als het licht in de duisternis. Vandaar dat men vandaag als eerste lezing een tekst van Jesaja neemt, waarin we hem hoorden zeggen: "Jeruzalem, laat het licht u beschijnen. Volkeren komen af op uw licht, koningen op de luister van uw dageraad." En dat vindt zijn vervulling in het evangelie dat ons vertelt van wijzen uit den vreemde die een ster ontdekten in het Oosten (de dageraad!) en die gingen volgen. Jesaja spreekt over de schatten en rijkdommen die de vreemden komen afdragen en de wijzen in het evangelie bieden goud, wierook en mirre aan.

Toch verruimt het Nieuwe Testament de visie van Jesaja. Waar deze zich erover verheugt dat vreemden naar Jeruzalem (dus naar het joodse volk) komen omdat dààr de Zon van de Heer zal opgaan, schrijft de Efeziërsbrief dat het geheim erin bestaat dat ook die heidenen mede-erfgenamen, mededeelgenoten zijn van Gods belofte. Jezus kwam immers als verlosser voor alle mensen.
En het treurige is dat Herodes, uitgerekend de Joodse koning, geen geloof hecht aan de rijzende ster die de heidenen ontwaarden en waarin die wèl geloofden.

Op dit feest moeten wij ons dan ook de vraag stellen, of wij in het Jezuskind de verschijning, de openbaring van God zelf aanvaarden, of wij Hem – net als de 'Wijzen' (!) - als onze Heer en Verlosser erkennen, als de God die met ons meegaat en ons bestaan wil delen en helen.

Alleszins kan ik U geen hechter en dieper nieuwjaar toewensen dan de beleving van die overtuiging dat Jezus de 'God met ons' is, zoals zijn naam Emmanuel betekent, en dat die overtuiging u kracht en hoop geve om in alle levensomstandigheden die het nieuwe jaar u zal brengen vertrouwensvol en blijmoedig voort te leven, omdat de Heer mee door ons leven gaat. Maar we wensen U natuurlijk ook dat 2009 U vooral gelukkige en voorspoedige dagen mag schenken.
Zalig en gelukkig nieuwjaar dus vanwege ons allen!

Joris Backeljauw o.p.
.

 
   Terug