Dominicanen Leuven Zondagspreken
  9 april - Witte Donderdag Afdrukken
 

Lezingen:


Exodus 12,1-14
Johannes 13,1-15

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


Grote schoonmaak


Uit mijn kindertijd herinner ik me hoe mijn moeder in de loop van de Goede Week de jaarlijkse grote schoonmaak hield, van de kelder tot de zolder, met veel water en een speciale zeep, en haar kinderen moesten een handje toesteken. Toen we klaar waren zei ze: ga nu maar naar de kerk om in de paasbiecht jullie zieltje te laten wassen. Wacht niet tot zaterdag, dan is er te veel volk.
Nu begrijp ik dat mijn moeder zonder het te beseffen ongeveer hetzelfde deed als de Joden al vele eeuwen doen als ze een hele week lang hun 'Goede Week' vieren: hun Pesach of Pasen. Dit jaar van 8 tot 15 april.

In de eerste lezing hebt u gehoord hoe het eerste paasmaal is gevierd in Egypte, met brood zonder de oude desem dat men de smaak gaf van frisse bittere kruiden. Alles werd rechtstaande gegeten, de kleren met een riem opgeschort en de stok in de hand, gereed om uit de slavernij weg te trekken. Zo vieren de Joden nog altijd Pasen: het feest van hun bevrijding, lang geleden uit Egypte, het feest van een gemeenschap die zichzelf zou hervinden als een volk met een eigen gezicht dat door zijn God wordt bemind en naar een nieuwe toekomst geleid. De hele Joodse paasweek is een lentefeest. Het moet de bevrijding vieren uit verkeerde toestanden en scheefgetrokken verhoudingen, elk jaar opnieuw. De grote schoonmaak. De viering van het nieuwe leven, niet alleen van de gewassen en de dieren, maar ook van de vernieuwing van het persoonlijk en gemeenschappelijk leven van alle gelovige joden.

Het was in het kader van de Joodse paasweek dat Jezus vlak voor zijn dood het afscheidsmaal met zijn vrienden heeft gevierd. Hij wist al dat hij niet lang meer had te leven en hij heeft van die maaltijd zijn testament gemaakt. Het belangrijkste stuk van dit testament is volgens Johannes dat hij de traditionele rolverdeling tussen de mensen heeft doorbroken en nieuwe verhoudingen heeft ingesteld. Hij heeft - zegt de evangelist - een bewijs gegeven van zijn liefde tot het uiterste toe, door zijn leerlingen de voeten te wassen.
U weet wellicht dat het bij de Joden gebruikelijk was v¢¢r het begin van een maal de uitgenodigde gasten het stof van onderweg van de voeten te wassen. Dat was een karwei voor de huisslaaf. Wij doen iets dergelijks. We nemen de mantel van de gasten aan en we vragen: wil u misschien even het toilet gebruiken?

Blijkbaar hadden Jezus en zijn vrienden de voetwassing aan het begin overgeslagen. Ze waren al aan tafel toen Jezus opstond, zijn bovenkleren uittrok en aan het slavenwerk begon. De leerlingen waren verstomd en Petrus, hun woordvoerder, liet heftig protest horen. De gastheer van de maaltijd die op zijn knieën gaat zitten om hun voeten te wassen, dat kan toch niet, dat is ontoelaatbaar! Petrus begreep het niet. Jezus legde het uit. De heer moet de dienaar zijn. Elders in de evangeliën zegt Jezus het nog duidelijker. "Bij de heidenen, dit wil zeggen, in de wereldlijke verhoudingen, in de politiek en de economie, spelen koningen de baas, daar laten machthebbers zich weldoener noemen. Maar bij jullie mag dat niet zo zijn." Christenen keren de verhoudingen om. U weet waarschijnlijk dat de paus zichzelf noemt 'servus servorum Domini': dienaar van de dienaren van de Heer.

Jezus besluit, en dat is zijn testament: Ik heb jullie een voorbeeld nagelaten, opdat je zoudt doen zoals ik jullie heb gedaan. Op nogal wat plaatsen doet de celebrant, of de een of andere notabele, dat op Witte Donderdag, voor één keer. Bij de dominicanen gebeurde dat vroeger door de prior of de provinciaal. Maar iedereen wist: je moet een degelijk voetbad nemen voor de plechtigheid begint, zeker als je nogal delicate voeten hebt.

Het zal u wel duidelijk zijn, goede vrienden, dat het niet bij die jaarlijkse symboolhandeling mag blijven. Jezus' voorbeeld navolgen betekent iets anders dan elkaar de voeten wassen. Zijn voorbeeld maakt ook duidelijk dat het niet volstaat regelmatig samen te komen om de eucharistie te vieren om het leven en sterven en de verrijzenis van Jezus te blijven gedenken. Waar het op aankomt, is dat we de eucharistie wààr maken in het dagelijkse leven. Ik kan het niet beter zeggen dan paus Johannes Paulus, in een toespraak die hij gehouden heeft in Lourdes. We moeten leren "het breken van het brood in de Kerk te beleven overeenkomstig al zijn eisen: de aanvaarding, de uitwisseling, het delen, het overschrijden van grenzen, de wil tot bekering, het opgeven van vooroordelen, de zorg om onze sociale milieus tot in hun structuren en hun geest om te vormen. U hebt, in ‚‚n woord, begrepen dat uw ontmoeting aan de eucharistische tafel praktische gevolgen moet hebben om waar en authentiek te zijn."

Het is goed dat we elk jaar een Witte Donderdag vieren. Een jaarlijkse grote schoonmaak, om onszelf weer in te scherpen wat ons als christen gelovigen dag in dag uit te doen staat.

B.J. De Clercq o.p.
 

 
   Terug