| Dominicanen Leuven | Zondagspreken |
| 14 maart -vierde vastenzondag |
|
|
Lezingen:
|
|||
|
Goede Vrienden,
Wij kennen allemaal dit verhaal dat we gewoonlijk het
verhaal van de verloren zoon noemen, maar misschien nog beter als de
parabel van de Barmhartige Vader zouden betitelen. Maar hebben we er ook
op gelet wat voor Jezus de aanleiding was om deze parabel te verkondigen?
De aanleiding was het gemor van de Farizeeën en
schriftgeleerden die over Jezus zegden: "Die man ontvangt zondaars en
eet met hen". Komt deze gesteltenis niet helemaal overeen met de
houding van de oudste zoon uit de parabel, die zichzelf zonder schuld acht
en weigert de hand uit te steken naar zijn broer. Ja, over hem spreekt hij
tot zijn Vader als En die broer was dood, zegt de Vader, maar is nu levend
geworden! Hoe ? Hij had zijn geld verbrast, er maar op los geleefd, en dan
miserie gekend. Maar heel die tijd stond zijn vader op de uitkijk, liet
hem niet los. En dan herleeft in de herinnering van de zondaar: hoe goed
het was destijds bij zijn vader…. en hij erkent zijn fouten, zijn zonden,
want hij heeft ze zijn vader aangedaan. En dat zet hem op weg, naar die
vader die hem van in de verte ziet aankomen, en hem kussend om de hals
vliegt nog voor hij zijn berouw kan uitspreken. En hij, door de belijdenis
van zijn zonden, opent zijn hart voor die vergiffenis van zijn vader.
Ook ons houdt God in het oog, niet als een waker om ons
op onze fouten te betrappen, maar als een Vader die ons wil helpen en
geduldig wacht tot we ons tot Hem wenden. "Laat u dan ook met God
verzoenen", roept Paulus uit, want in Christus heeft die verzoening
gestalte gekregen en Jezus zond zijn leerlingen uit met die boodschap van
verzoening. Daarom: erken uw medemens als broer en zus, en blijft niet
buiten staan voor het feest der verlossing dat aan de gang is, voor de
overgang van dood naar leven, die zich aan ons allen voltrekt als wij God
erkennen èn de medemens.
Het is immers de overgang van dood naar leven die wij
vieren op het paasfeest, zoals de Joden op die dag hun bevrijding uit
Egypte en hun aankomst in het beloofde land vierden. En vandaag zijn wij
half op weg naar dat hoogfeest van de verlossing. Daarom heet deze dag
Laetare-zondag want de gregoriaanse intredezang van vandaag begint met dat
woord en Laetare betekent Verblijdt u (net zoals halfweg de advent
de liturgie Gaudete zong, wat ‘Verheugt u’ betekent"):
Pasen komt dichterbij! En met de vader uit het evangelie mogen we dus
zeggen en zingen: "er moet feest en vrolijkheid zijn" omdat wat
men verloren waande teruggevonden is.
Maar men kan zich niet verblijden in de hoop op dat
feest, als men niet, zoals de Heer, zelf verlossend wil zijn tegenover de
medemens, als men niet zelf te hulp wil komen aan wie in nood is (en het
is niet zonder reden dat op deze dag de eerste omhaling voor Broederlijk
Delen plaats vindt). God als Vader erkennen is immers elkaar als broer
en zus erkennen.
Maar God als Vader erkennen, is ook zichzelf als
godskind zien en zich gesterkt weten door die Vader die op de uitkijk
staat, die met ons mee trekt zoals Hij met de Joden mee trok naar het
beloofde land, en ons nu ook toespreekt in de Heer die immers gezegd
heeft: "Ik ben met U tot aan het einde der tijden". Wij zijn dus
niet alleen, ook al komen we in moeilijkere tijden terecht zoals de
verloren zoon: God staat ons terzijde en heeft ons lief. In Hem vinden wij
kracht tot opstanding, tot overwinning van het kwade, tot overgang van
dood naar leven.
En we zijn ook niet alleen, als het ons goed gaat. Al
het mijne is ook van jou, zei de Vader tot de oudste zoon. Wij leven uit
Gods hand en dat moet onze gelovige zekerheid zijn, zowel in goede als in
kwade tijden. Laetare, verheugt u in de Heer. Kijk eens naar
Hem om, om Hem te danken voor al het goede dat we ondervinden, om Hem te
bidden voor de noden die wij hebben, om Hem te belijden dat wij zonder Hem
niet kunnen en zijn vergevende liefde vragen. En Hij zal ons antwoorden in
het diepst van ons hart.
Joris Backeljauw o.p.
14 maart 2010 |
| |