Momenteel is er nogal wat commotie in de kerk in
Nederland en Vlaanderen wegens de brochure
Kerk
en ambt die de dominicanen in Nederland
naar alle parochies hebben gestuurd. Daarin pleiten ze met klem, theologisch
en pastoraal goed onderbouwd, voor de vrijheid van parochies en kerkelijke
gemeenschappen om hun eigen voorgangers te kiezen, mannen zowel als vrouwen,
gehuwd of niet.
Door het priestertekort is een noodsituatie ontstaan. De
kerkleiding poogt dit op te vangen door aan één priester meerdere parochies
te geven. Daardoor kiest ze principieel voor bescherming van het
priesterambt in de huidige vorm: alleen celibataire mannen.
Ze gaat ook voorbij aan het recht van
geloofsgemeenschappen op gangmakers en bezielers, evangelische
identificatiefiguren, die ook voorgaan in de sacramentele bediening en de
eucharistie. Deze strategie maakt ook van de priester een 'servicetype' dat
enkel sacramenten bedient en in het weekeinde als een soort kerkelijke Touring
Wegenhulp van de ene parochie naar de andere koerst.
Heil van het volk
Met hun visie doen de dominicanen eigenlijk niets anders
dan actualiseren wat reeds op het IIde Vaticaans Concilie (1965) gezegd is, zij het na
bijzonder felle debatten. Men stelde dat 'het volk zelf en het heil van het
volk' het doel van de kerkgemeenschap is. De hiërarchie is als middel op dit
doel gericht. Ze is dus secundair. De kerk mag je niet langer zien als een
piramide waarlangs Gods genade van bovenaf naar de
basis stroomt.
Het concilie zette de piramide op haar kop. De basis staat
bovenaan: het 'volk van God'. Een standpunt met verregaande consequenties!
Daarom manoeuvreerde men deze stap, na beëindiging van het concilie, naar de
achtergrond. De leidende organen van de centrale kerkorganisatie hadden na
het concilie geen behoefte meer aan dit andere kerkbeeld. Maar tot op
vandaag is er nog steeds een strijd gaande tussen de centralistische koers
van kerkelijke gezagsdragers en de meer pastorale zorg van binnen de
plaatselijke geloofsgemeenschappen.
We zijn al meer dan veertig jaar na het concilie. Nog
steeds is er geen dialoog tussen de kerkleiders en de basis. Vaak ontbreekt
de moed om openlijk te spreken. Men stuit natuurlijk op verzet, want de
bisschoppen moeten de Vaticaanse visie en richtlijnen volgen. Die liggen
niet in de lijn van het conciliaire kerkbeeld en zijn eerder pre-conciliair.
De traditionele kerkordening, die nog steeds door Rome gevolgd wordt, is
niet aangepast aan de reële situatie.
Wat de Nederlandse dominicanen schrijven ligt in
dezelfde lijn als het magistrale boek van de Vlaamse dominicaaan Edward
Schillebeeckx, Kerkelijk ambt (1980),
waarin hij de tweeduizendjarige geschiedenis van de
voorgangers in de kerk analyseert. Ze worden wel 'ongehoorzaam' genoemd,
maar je kunt evengoed zeggen dat ze gehoor geven aan Gods Geest die ons oproept 'de tekenen
van de tijd' in verband met kerk en ambt te lezen. Eigenlijk nemen ze ook een aloude
traditie op van de eerste kerk, waar voorgangers van onderop gekozen werden.
Paus Leo de Grote (440-461) constateert: "Hij die allen moet voorgaan, moet
door allen gekozen worden." Deze gemeenteleiders werden in de jonge kerk
door de gemeenschap 'ingeordend' in het geheel van alle diensten en
activiteiten en gingen ook voor in de eucharistie.
Hoge eisen
De Nederlandse dominicanen stellen hoge eisen aan de
voorgangers en voorgangsters. Ze moeten bezielde gelovigen zijn, pastoraal
bewogen, deskundig op gebied van omgang met de Bijbel, bekwaam om te preken,
liturgisch creatief, met een soepel organisatietalent en ervaring. Door hun
optreden en hun evangelische beleving moet de parochiegemeenschap herkennen
en bevestigen dat ze 'geroepen' zijn. Deze door de gemeenschap geselecteerde
mannen en vrouwen zou de bisschop kunnen zegenen, bekrachtigen of "wijden".
De gemeenschap draagt voor en de bisschop, vanuit de apostolische traditie,
zegent.
Jammer genoeg gebeurt dit nog niet. Met het gevolg dat
het priestertekort op korte termijn nog sterk zal toenemen en parochies
verstoken blijven van waar zij recht op hebben. De dominicanen
verantwoorden in hun brochure de praktijk in veel parochies waar nu al
niet-gewijde mannen en vrouwen, gehuwd of niet, voorgaan. Dit is ook, al vele
jaren, het geval in Vlaanderen in sommige basisgroepen. Het ontbreekt ook
weer aan een dialoog tussen de kerkleiders en het netwerk van deze
basisgemeenschappen.
Aanstootgevende vrijheid
Het is goed dat deze brochure verschenen is en een debat
onvermijdelijk wordt. De bekende Timothy Radcliffe, tot voor kort generale
overste van de dominicanen, schrijft dat de kerk een plaats moet worden van
aanstootgevende vrijheid.
Christenen moeten mensen zijn die doorgaan met vragen
stellen als anderen ermee ophouden!
De tijd dringt voor de toekomst van de kerk. Het wordt
hoog tijd voor dialoog en debat tussen de basis en de leiding. Ook met Rome
moet men durven spreken. Onze bisschoppen moeten vertolken wat er leeft bij
'het volk', aan verwachtingen en hoop op vernieuwing.
Toch moeten we goed
beseffen dat het om veel méér gaat dan om de kerk. De bestaande kerkelijke
structuren brokkelen verder af. De religie verlaat haar traditionele
bedding. Maar wat er leeft aan religiositeit in veel en verscheiden vormen,
zoekt zijn weg en concretiseert zich in nieuwe gedaanten, die hier en daar
al netwerken vormen. Wellicht is dit de toekomst.
Vooral jongeren die geheel buiten de kerk staan en weinig
of niets meer afweten van christendom, zoeken plekken om samen met anderen
te zoeken naar zingeving en daadwerkelijke ervaring van wat wij 'mysterie'
noemen.Velen zijn geboeid door mystiek. Charismatische figuren die 'echt'
zijn spreken hen aan. Ze zijn niet onverschillig voor Jezus van Nazareth en
allen die hem waarachtig navolgen.
Voorgangers en begeleiders functioneren meer en meer als
een veerman of veervrouw. Ze brengen mensen in hun veerboot over en weer van
buiten naar binnen. Van het leven buiten naar de innerlijke dieptedimensie.
Naar het 'heilige' of het religieuze midden in het leven. De wortels van
religie zijn gegrond in de diepere aardlagen van het leven. Steunend op dat
ondergrondse netwerk van religieuze wortels kunnen de Bijbel en vooral het
verhaal van Jezus de Christus, op een nieuwe wijze, aanslaan. De kerk zal
niet van buitenaf vernieuwd worden maar van onderop, vanuit de Geest die
leeft in het hart van mensen en nieuwe onbegane wegen opent.
Rob Moens
o.p. in De Morgen, 27/09/2007