Bij de
dominicanen in Indonesië
Op 19 april 2005, de dag zelf dat paus Geneticus XVI werd verkozen,
werden in Jakarta de eerste twee Indonesische dominicanen priester gewijd.
Het zijn Adriaan Adiredjo en Johanes Robini Marianto. Beiden waren ze aan de
Faculteit Godgeleerdheid van de University of Santo Tomas (UST) in
Manila (Filippijnen) ook mijn student geweest. Om de twee jaar geef ik daar
een cursus over christendom en islam. Na een jaar nodigden ze me uit bij
mijn terugkeer uit Manila een kijkje te komen nemen in wat zoal gepresteerd
was. Alles onder de voogdij van de provincie van de Filippijnen, die zorgt
voor bijkomende Filippijnse dominicanen. In Pontianak, een
provinciehoofdstad van Borneo-Kalimantan, heeft de aartsbisschop de
dominicanen gevraagd ook mee te doceren aan het seminarie aldaar. Met een
aantal postulanten vormen ze daar een beginnende gemeenschap, hoop voor een
verre toekomst!
Pater Robini is, in de hoofdstad Jakarta, aan de belangrijke islamitische
universiteit vice-directeur geworden van een interreligieus centrum, met een
aantal moslimmedewerkers. Een samenwerkingsakkoord werd immers gesloten
tussen UST en deze Universitas Islam Negeri (UIN) Syarif Hidayatullah.
Bij het bezoek aan deze universiteit bleek al onmiddellijk de open sfeer,
die sterk verschilt bij wat men in de Arabische wereld gewoon is. Men voelt
er de sterke invloed van gematigde bewegingen, zoals de Nahdatul Ulama,
een soort groot Davidsfonds van Indonesië. Gesticht in 1926, is de beweging
uitgegaan van lokale moslimimaams, die de islamitische cultuur en traditie
en het nationalisme wilden steunen in verzet tegen de (Nederlandse)
kolonisatie. In feite was en is de beweging een emancipatiebeweging aan de
basis, geleid door lokale imaams. De beweging staat drie principes voor.
Vooreerst tawâsut, letterlijk: een middenpositie innemen van
gematigdheid; dan tasâmuh, tolerantie; en tenslotte tawâzun,
harmonisch evenwicht. Het is dus niet in die kringen dat men de terroristen
van Bali zal moeten zoeken!
Bij de moeilijke overgang naar democratie, na het militaire bewind van
Suharto, werd een beroep gedaan op de voorzitter van de beweging om
Indonesië te leiden: Abdurrahman Wahid, van 1999 tot 2001. Een
hersenbloeding verplichtte hem twee jaar later ontslag te nemen. Hij blijft
echter de beweging sterk beïnvloeden in de gematigde lijn die ze kenmerkt.
Dankzij een van de medewerkers van pater Robini zijn we op de zetel van de
organis atie ontvangen en hebben we een langdurig onderhoud gehad met
president Wahid, die ons onderhield over twee principes die hij de beweging
nu voorhoudt en die trouwens samengaan. Vooreerst verankering in de
Indonesische realiteit, en ten tweede, zich met hand en tand verzetten tegen
fundamentalistische invloeden van buitenaf, zoals het (Saoedisch) Wahhabisme
en het militante Salafisme (dat we ook in Europa sterk zien opkomen). Voor
hem gaat dit in tegen de eigen ziel van de gediversifieerde Indonesische
islam. Wat de toekomst ook mag bieden, dit onderhoud gaf ons een smaakje van
wat gematigde islam kan zijn!
Emilio Platti o.p. |