| |
|
5 januari
De voorbije dagen wensten we elkaar geluk,
gezondheid, voorspoed. Zo getuigden we dat we het goed menen met al die
mensen. Voor hen hopen we dat ze levensvervulling vinden en dat we
daartoe zullen bijdragen voor zover het binnen onze mogelijkheden ligt.
Vreemdelingen komen af op het licht, zo wordt ons zondag verkondigd. In
Betlehem worden ze vervuld met overgrote vreugde. Vrede en vreugde wordt
ons aangeboden, als wij, zoals die vreemdelingen toen, daar
verwachtingsvol naar durven uitzien.
Jan Arnouts o.p. i.s.m. Marthe Huybrechts
=>
tekst
12 januari
De evangelielezingen sinds Kerstmis lijken een vervolgverhaal. Het
verhaal op kerstdag stelde het kind Jezus voor als de Messias, de Heer.
De wijzen uit het Oosten toonden hem als levensvervulling ook voor
niet-joden. Vandaag presenteert Marcus hem als Gods geliefde zoon. Jezus
vervult de roeping van zijn volk en van elke mens. In hem herkennen we
de mens op zijn best, de mens die zijn God herkenbaar maakt in zijn doen
en laten. We hopen dat we in ons samen vieren elkaar de kracht geven om
die Jezus levend te houden in en door onze gemeenschap. Dan zijn we onze
naam van gedoopte christen waardig.
B.J. De Clercq i.s.m. Chr. Van Croonenborch
=> tekst
19 januari
Soms vinden mensen wat zij zoeken. Dat horen we in
het verhaal van Samuël die, overtuigd van zijn bestemming, wegwijzer
wordt voor de ingeslapen Eli.
De eerste leerlingen van Jezus worden getroffen door zijn woord en
optreden. Worden op hun beurt wegwijzer omdat zij Jezus in hun
herinnering levendig houden. Hij bleef hen inspireren en dat kwam tot
uiting in hun leven met anderen. Latere volgelingen werden voor ons
wegwijzers en wij kunnen het wellicht voor anderen worden. Zij die
geloofden en geloven in die Jezus Christus laten Hem telkens weer tot
kracht komen in hun leven door samen brood te breken, door samen de
beker van verbondenheid te delen.
S. Flamey o.p. i.s.m. Chris Van Croonenborch
=> tekst
26 januari
De evangelist Marcus heeft zelf zo intens ervaren hoe
leven in het voetspoor van Jezus gelukkig maakt, dat hij het met hand en
tand wil verkondigen. Zijn verhaal begint met en aangrijpend bericht:
Johannes de Doper zit in de gevangenis. Johannes heeft heel zijn leven
in dienst gesteld om de komst van Jezus aan te kondigen, om Hem in de
kijker te zetten. Machthebbers hebben Johannes het zwijgen opgelegd.
Zonder het te beseffen maken ze de weg voor Jezus vrij.
En Jezus voegt nu iets toe aan de boodschap van Johannes. Net als
Johannes, verkondigt Jezus niet zichzelf, maar Hij verwijst zijn
leerlingen naar zijn Vader. 'De tijd is er rijp voor', zegt Jezus,
'bekeer je en geloof in de goede boodschap van God'. Andreas en Simon
verlaten 'terstond' hun boten. De boodschap om mensen uit hun chaos te
bevrijden en weer rechtop te doen staan klinkt ook wel onweerstaanbaar
en gezagsvol! Altijd opnieuw en actueel?
J.Arnouts o.p. i.s.m. J. Elaut
=> tekst
2 februari: Gebedsviering op Lichtmis
De Romeinen in de vijfde eeuw vóór Christus vierden reeds feest op 2
februari met een fakkel- en kaarsenprocessie. Sinds het begin van het
tweede millennium vieren christenen op die dag ' de opdracht van Jezus
in de tempel', een Joods gebruik veertig dagen na de geboorte van een
jongen. Op deze dag werd sinds eeuwen een lichtprocessie gehouden die de
Romeinse moest vervangen. Later werden kaarsen gewijd voor allerlei
doeleinden in het dagelijkse leven. De evangelist Lucas verhaalt de
ontmoeting van Simon en Hanna met Jezus en zijn ouders in de tempel als
een profetisch gebeuren. Simon en Hanna herkennen Jezus als Messias, zij
'belichten' Hem anders dan zijn eigen ouders op dat moment. Zij ervaren
levensvervulling. Hier gebeurt openbaring. Geïnspireerd door de
evangelielezing van Lichtmis kunnen christenen aan het begin van het
derde millennium zich nieuwe vragen stellen: 'Waarmee heeft de
Messiaanse gedachte in onze tijd te maken? Wat willen wij belichten?
Rond woord en symbool, zingend en biddend proberen we aanzetten te
zoeken.
Na de viering geven we toe aan een oud Vlaams gebruik. We nodigen u uit
om na te blijven bij een pannenkoek.
Dominicushuisteam
=>
verslag
9 februari
Drie zondagen na elkaar beluisteren we in de evangelielezing
genezingsverhalen. God heeft zich aan mensen doen kennen door het
optreden van een bijzondere mens die waar hij ook kwam, medemensen
lijdend aan allerhande soorten ziekten heeft genezen. Jezus was geen
dokter, hij had niet gestudeerd voor het beroep van geneesheer.
Geneesheren kunnen we niet missen, des te minder naarmate we ouder
worden. Maar dikwijls staan geneesheren machteloos, omdat ze met al hun
kunde, hun geperfectioneerde instrumenten en medicamenten niet de kern
van de ziekte kunnen bereiken waaronder mensen gebukt gaan. Een goede
dokter zal dan misschien bekennen: Ik weet eigenlijk niet wat u precies
mankeert. U zult ten slotte, als dat mogelijk is, uzelf moeten proberen
te genezen. Uit het evangelie weten wij, christenen, dat het geloof
werkt als een genezende kracht. En dokters met veel ervaring weten dat
uit ondervinding. Veel mensen klinkt dat ongelooflijk in de oren. Maar
toch is het waar. Daarover handelt de homilie.
B.J. De Clercq i.s.m. M. Huybrechts
=>
tekst
16 februari
Het komt voor dat mensen door hun omgeving gemeden
worden. Het opnemen voor aidspatiënten, homofielen, drugsverslaafden,
vreemdelingen, bejaarden, armen, daklozen, gehandicapten enz. vraagt
moed en is inderdaad niet vanzelfsprekend. Het evangelieverhaal van
Jezus die een melaatse geneest spreekt klare taal: "Als Gij wilt kunt
Gij mij reinigen". De moderne melaatsen roepen ons toe: als jullie
willen, kunnen jullie ons genezen. Laat ons binnen in jullie
gemeenschap. Laat de wereldeconomie rechtvaardiger en menselijker
worden; onze vooroordelen en pretenties kleiner; onze vriendenkring
minder selectief.
Marcus plaatst de genezing van de melaatse aan het begin van zijn
evangelie. Want hiermee begint de blijde boodschap: mensen bevrijden,
genezen, doen rechtop staan en erbij laten horen. En breken en delen van
het brood moet volgens de opdracht van de Heer gaan tot bij de laatste
mens in nood. Daartoe vieren we eucharistie en slechts dan kunnen wij
ten volle eucharistie vieren.
S. Penez o.p. i.s.m. C. Van Croonenborch
=>
tekst
23 februari
Als we God om zegen van boven vragen, vragen we dat
Hij ons zegent met lieve mensen hier beneden. En wie gezegend is met
lieve mensen om zich heen, kan God bedanken voor zoveel zegen van boven.
De lamme in het evangelieverhaal was gezegend met een paar goede
vrienden, die hem ook trouw bleven in moeilijke omstandigheden. En die
hun vertrouwen in die man van Nazaret niet onder stoelen of banken
hadden gestoken. De vrome omstaanders deden het anders: ze hadden alle
aandacht voor Jezus' woorden maar stonden met hun rug gekeerd naar de
lamme, zonder oog voor wie verdriet heeft midden onder hen. Omwille van
de liefde- en hoopvolle houding van de dragers lezen we dan ook: "Toen
Jezus hun geloof zag…" Dat mensen elkaar zonden kunnen vergeven, leren
we eveneens uit het evangelie. Waar dat niet gebeurt, ligt er heel veel
lam tussen etnische groepen, tussen rassen, ouders en kinderen, man en
vrouw, broer en zus. Men raakt verlamd door wrok, boosheid, jaloezie.
Waar er gewerkt wordt aan vergeving, komt er weer beweging, kan men weer
opstaan en geloven: morgen is de eerste dag van een nieuw leven.
S. Roose o.p. i.s.m. E. Joris en K. Houben
=>
tekst
2 maart
Omdat er in de poëtische lezing van het Oude
Testament veel geknipt is in de officiële lezing van deze zondag, volgt
hier een kleine uitweiding.
Er is een teleurgestelde bruidegom aan het woord die zich beklaagt over
de verkeerde keuzes van zijn bruid, die zich aan vreemden verkwanseld
heeft en die je best maar kunt vergeten. Maar de bruidegom wil haar in
afzondering brengen en weer voor zich winnen. De bruidegom is God en wat
Hosea wil verkondigen is dat de genegenheid van God veel sterker is dan
zijn afkeer voor de slechte dingen die mensen doen. Het beeld van een
straffende God wordt verlaten. Er klinkt hier andere taal.
Ook het evangelie doet een oproep tot vernieuwing: oud en nieuw zijn
niet met elkaar te verzoenen. De eerste christenen en wij vandaag, die
zich laten leiden door de bevrijdende en verfrissende geest van Jezus
van Nazareth, en niet door formalisme, hebben het niet altijd
gemakkelijk. Daarvan getuigt het leven van Jezus. Om Hem te volgen en
welzijn na te streven mogen we samen eucharistie vieren.
J. Arnouts o.p. i.s.m. M. Huybrechts
=>
tekst
9 maart
Op de eerste zondag van de veertigdagentijd houdt het
Dominicushuis een gebedsviering.
Luisterend naar het eerste en tweede testament staan we stil bij
verschillende aspecten van vasten in onze tijd. Proberen we te kiezen
voor meer eerlijkheid in onze manier van leven. In de brochure van
Broederlijk Delen lezen wij: "De vasten is een sterke tijd. Een tijd om
alles nieuw te maken, zoals de natuur zich opmaakt voor een nieuwe
lente. Uitzien naar de toekomst, naar Pasen, naar Gods andere wereld,
dat is de betekenis van de veertigdagentijd".
=>
tekst
16 maart
Elke zondagsviering geeft ons de gelegenheid om te gedenken hoe God
met ons omgaat en om op de hoogte te komen van datgene waar het in het
leven om te doen is. Op de berg Tabor, in het licht van Wet en Profeten,
krijgt Jezus zijn ware gestalte, want Hij is de mens die Wet en Profeten
niet alleen kent maar doet. Wie dat inziet zal niet proberen om Hem vast
te houden zoals Petrus, maar ondergaat eerder een haha-ervaring: Jezus is
metterdaad te volgen, in dienstbaarheid aan mensen, of dat nu je dood
betekent of niet!
S. Roose o.p. i.s.m. C. Van Croonenborch
=>
tekst
23 maart
In de evangelielezing van de derde vastenzondag
sloopt Jezus heilige huisjes. Heilige economie, corruptie,
uiterlijkheden en eigenbelang, afgoden van toen en nu. Daar tegenover
staan hier de boze Jezus en de tien woorden van God, waarin totaal
andere prioriteiten gelegd worden. 'Ik ben de Heer uw God die u heeft
weggeleid uit Egypte, het slavenhuis. Je zult geen andere goden naast
mij hebben. Het wordt tijd om te gaan werken aan de essentie van het
leven, of zijn jullie vergeten dat 'genoeg' een rijkdom kan zijn? Oude
bijbelverhalen helpen ons op weg naar een gelukkig samenleven. We hopen
in de viering daartoe Gods levenskracht te vinden.
Voorganger: S. Penez i.s.m.
E. Joris
=>
tekst
30 maart
Het licht zien!
Profeten spreken uit wat ze
hebben gezien. Maar hun woorden worden in de wind geslagen. Met als
gevolg: ballingschap. Maar na de ballingschap is er het nieuwe begin!
Doorgaan, doorleven, op weg naar toekomst. In het evangelie horen we:
'het licht is in de wereld gekomen, maar de mensen waren meer gesteld op
duisternis.' Hoe reageren wij op het negatieve in ons leven?
Individueel, familiaal, verenigd, sociaal-economisch, politiek is er een
andere wereld mogelijk. Met elke kleine stap, waar en hoe gezet, kunnen
we licht brengen, als we maar willen zien en er oor naar hebben. Het
Dominicushuis zet in deze vastentijd zo'n stapje naar iets meer licht in
het weeshuis te Isiro, gerund door zwarte dominicanessen.
W. Costermans o.p. i.s.m.
Marthe Huybrechts
=>
tekst
6 april
Sterven aan jezelf
Drie woorden om Jezus' levenskeuze samen te vatten. Jezus
verkondigt ideeën die in bepaalde kringen niet welkom zijn. Dat weet de
man uit Nazaret. Hij weet dat men vanuit die kringen een aanslag op zijn
leven beraamt. Desondanks blijft hij opkomen voor recht en
gerechtigheid. Het evangelieverhaal gebruikt een beeld uit de landbouw:
de stervende graankorrel die nieuw leven voortbrengt; het daagt uit om
Jezus' volgeling te worden: je niet krampachtig vastklampen aan jezelf!
De eucharistieviering kan hier en nu ruimte scheppen om op die uitdaging
in te gaan.
J. Arnouts
o.p. i.s.m. E. Joris en K. Houben
13 april
Hosanna' horen we
vandaag én 'kruisig hem'. Bij dat 'Hosanna' kunnen we ons zonder moeite
aansluiten. Bij 'kruisig Hem' mogen we ons laten aanspreken door de
radicale wijze waarop Jezus zich ten einde toe heeft gegeven. In de
woestijn heeft Jezus geleerd om door te gaan. Op de berg Tabor, de weg
naar Jeruzalem en de dood voor ogen, besloot hij vol te houden, de wil
van zijn Vader te blijven doen. Jezus, met zijn leerlingen, is toen tot
het inzicht gekomen dat alleen liefde oorsprong,
verantwoordelijkheid én bestemming is. Mogen we in de viering, vandaag,
vervuld worden van Hem die wij respectvol en dankbaar willen gedenken en
navolgen.
S. Flamey
i.s.m. J. Elaut
20 april
ZALIG PASEN!
Pasen kan
zalig worden. Dat maken de evangelisten, ieder op hun eigen manier,
duidelijk. In tegenstelling tot zichtbare zwachtels en zweetdoeken - de
in Israël gebruikelijke zaken van een begrafenis - willen ze ons leren
op een andere manier te gaan kijken. Door de buitenkant heen op het
spoor te komen van wat er werkelijk te ervaren is. Johannes gebruikt
hiervoor het woord zien. Zien doe je niet met je ogen maar met je
hart en dat kan haaks staan op dat wat waar te nemen is. Johannes ziet
en gelooft. Hij kijkt vanuit een levende en liefdevolle verbondenheid
met Jezus naar het graf en zegt tegen alle feiten in dat Jezus leeft.
Alleen wie kan beminnen weet hoe waar dit is. Pasen kan zalig worden
als we, gebogen onder leed, geknakt door woorden, gebukt onder macht
kunnen zeggen: 'en toch!' Want leed kunnen we delen, naar woorden kunnen
we luisteren, elkaar ontmoeten op voet van gelijkheid blijft een
mogelijkheid. Mogen we in vriendschap en geloof Pasen op een zalige
manier vieren en bidden: dat mensen opstaan en zichzelf vinden; dat
mensen opstaan en de wereld nieuw zien; dat mensen doorgaan tegen
overheersende trends in; dat mensen mensen helpen opstaan en weten dat
dan de wereld verandert.
S. Flamey
i.s.m. C. Van Croonenborch
27 april
Is geloven iets
voor waar aannemen op gezag van anderen, je ouders, de kerk of welk
gezag dan ook? Bij oppervlakkig lezen zou je kunnen beweren dat het
evangelieverhaal van deze zondag daar een voorbeeld van is. Maar als je
goed leest, vind je Thomas zo ongelovig nog niet! Hij wil zelf nagaan in
wie en wat hij eigenlijk gelooft. Dat wordt ons verteld: het bericht van
Pasen is de verkondiging over een mens die, omdat hij zichzelf radicaal
aan zijn roeping gaf, is gedood. Maar zijn leven is niet kapot te
krijgen. Na enige tijd van angst en verwarring ervaren zijn leerlingen
Jezus' vrede in hun midden. Door ons vierend samenkomen herkennen ook
wij Jezus in ons midden. Hij leeft tot op vandaag!
S. Roose o.p.
i.s.m. M. Huybrechts
=>
tekst
4 mei
We beginnen de meimaand met een gemeenschapsviering. De traditie:
meimaand, Mariamaand, leverde inspiratie voor het thema. We hopen fris
en bij de tijd te bidden en te vieren rond de persoon van Jezus' moeder.
Dominicushuisteam
=>
tekst
11mei
Herder zijn
Zondag
heten we de vormelingen van de Sint-Willibrordusparochie samen met hun
ouders van harte welkom!
Als je tot het besef gekomen bent dat de rabbi van Nazaret door en na
zijn dood nog indringender tot ons spreekt, dat Hij leeft bij God, dan
wordt Hij werkelijk het voorbeeld van hoe een mens moet zijn. In de
evangelies krijgt Jezus vele namen. ' Een herder ben Ik', zegt Hij van
zichzelf in het evangelieverhaal van zondag. Een herder, die door dik en
dun zijn schapen leidt en beschermt. Hij beantwoordt in dit beeld aan
wat er in het boek van de Schepping over Adam, dé mens, gezegd is: hij
moet de aarde dienen en bewaren. In het beeld van de herder tekenen wij
Jezus als de mens die naaste en broeder is voor anderen. Wie zou er niet
zo' n mens willen worden? Dan moeten we luisteren naar wat Hij ons in de
viering te zeggen heeft.
J.
Arnouts o.p. i.s.m. C. Van Croonenborch>
18 mei
Vieren en kiezen
Meer dan ooit op deze verkiezingszondag worden we
in de viering teruggeroepen naar het evangelie om te zoeken hoe we ons
aan elkaar kunnen voeden, hoe we voor alle mensen voedzaam kunnen
worden. Als wij, als ranken, verbonden blijven met Jezus, wijnstok, zal de Vader, wijngaardenier, wel zorgen dat frisse
en zuivere levenssappen ons voeden: rechtvaardig, oprecht, dienstbaar,
open en zoveel meer!
S. Penez o.p. i.s.m. E. Joris
en K. Houben
25
mei
Bij God bestaat geen aanzien des persoons. Volgens de Handelingen
der Apostelen is Petrus tot die zekerheid gekomen toen hij zag dat ook
mensen die door de joden 'heidenen' werden genoemd de gaven de Geest
ontvingen. Wij, mensen, kennen wel een verschillend aanzien aan
medemensen toe. Iedere mens verschilt van iedere andere, dat is de
evidentie zelf. Maar de hele vraag is hoe we onze onderlinge verschillen
in rekening brengen. Denken we in termen van 'zo' en 'anders', of in
termen van 'beter' en slechter', van 'iemand van de onzen' en 'iemand
die ons vreemd is'? Het evangelie van de liefde roept ons op tot een
gewetensonderzoek. Hoe kunnen we 'vreemden' in onze gemeenschap opnemen
zonder hen te dwingen hun eigenheid op te geven?
B.J. De Clercq i.s.m. J. Elaut
=>
tekst
29 mei: HEMELVAART
Het
evangelie dat we op Hemelvaart beluisteren, is het slot van het
Marcusevangelie. Het is evenwel verwonderlijk hoe een einde een nieuw
begin kan worden. Toen in de tweede eeuw dit slot, als vervolg op het
paasverhaal aan het Marcusevangelie werd toegevoegd, was men overtuigd
geworden dat in Jezus een groot Iemand was heengegaan, maar dat zijn
invloed doorwerkt. Jezus is ten hemel opgestegen, zo vertelt ons het
oude verhaal, maar zijn volgelingen heeft Hij opgedragen zijn werk voort
te zetten. Nieuws toen, nieuws voor nu. Nieuws altijd opnieuw. Die
oproep mogen wij in de viering nu heilzaam tot ons laten doordringen.
Zeker op het moment dat we zingen 'Blijf niet staren op wat vroeger
was, … 'Ik, zegt Hij, ga iets nieuws beginnen, het is al begonnen, merk
je het niet!' Het Dominicushuis viert eucharistie zoals op zondag.
S. Roose o.p.
i.s.m. C. Van Croonenborch
=>
tekst
1 juni
Jezus' volgelingen 'doen' Hem voort. Geloof heeft
voor velen het karakter van een werkwoord gekregen: leven, gerechtigheid
doen, vrienden zijn, delen, bidden enz. Zijn volgelingen worden wijd en
zijd verkondigers van een blijde boodschap, tot op vandaag. Met woorden,
metterdaad, soms, heel even, met beide samen. Langs hen geraak je ergens
in geworteld, wordt je gevoed, ga je aanvoelen van waaruit je leeft.
Vieren is in stilte samen durven toeven bij God en je geborgen weten.
S. Flamey
o.p. i.s.m. M. Huybrechts
8 juni
PINKSTEREN
Feest van
inspiratie! Feest van begeestering! Begeestering van 'de Geest die waait
waar Hij wil', maar soms willen we toch wel eens weten wanneer we 'n
beetje wind kunnen opvangen! Allicht niet als we stil gaan zitten
wachten, maar eerder door stil te staan bij ons eigen leven. Waar wordt
mij nieuw leven ingeblazen? Bij welke gebeurtenis, dankzij wie en samen
met wie? Zo leert het evangelie. In een situatie van angst hebben de
leerlingen, letterlijk en figuurlijk opgesloten, ervaren dat er uitzicht
komt als zij de gestorven en ten hemel gevaren Heer in hun midden weten.
Dan ervaren zij dat Jezus een beroep op hen doet om zijn verhaal aan
anderen door te vertellen als een bron van hoop. Doorvertellen is hier
geen kwestie van welsprekendheid. Het mag evengoed geestdriftige
communicatie zijn met handen en voeten. Overtuigende daden kunnen ook
wonderen verrichten! Lang leve het enthousiasme van ieder van ons,
onderling, in gezin en familie, in gemeenschap, buurt, stad, land en
over alle grenzen heen! Op pinksterdag mogen we zingen en bidden dat het
vuur in ons mag aangewakkerd worden!
J. Arnouts
o.p. i.s.m. C. Van Croonenborch
15 juni
Gemeenschapsviering
Deze
viering wordt opgebouwd als vervolg van het Pinkstergebeuren.
Lezingen, gebeden en zang staan in het teken van water, licht en vuur!
E. Joris
& M. Huybrechts
=>
tekst
22 juni
Wind en
water gehoorzamen hem
Wind? Water? Wat betekenen die elementen voor de bange vissers? Voor
die joodse vissers, opgevoed met de beeldspraak van de bijbel, betekende
water chaos, gevaar, kwaad, de tegenstrever van God. De wind daarentegen
was de adem van God, de geest die oproept om een bewoonbare wereld te
scheppen. 'Hebben jullie nog geen vertrouwen in Mij', zei Jezus, 'dat je
je blijft vastklampen aan het verleden en je verantwoordelijkheid voor
het nieuwe niet aandurft?' Eucharistie vieren is in het heden het nieuwe
tegemoet durven gaan, naar God die er nog altijd is voor mensen. Niet
het omgekeerde!
S. Penez o.p.
i.s.m. J. Elaut
=>
tekst
29 juni
De
radicaliteit
van het evangelie
Verschillende boeken uit het Oude Testament staan op naam van profeten.
Zo komt onze eerste lezing uit het boek van de profeet Ezechiël. Ook van
Jezus werd gezegd dat hij een profeet was. Hij vond echter geen
erkenning in zijn geboortestad. Profeet zijn is geen dankbare opgave.
Meestal treedt zo iemand op in een crisissituatie, dan klinkt zijn
boodschap vaak niet prettig in de oren van wie het goed hebben en met
rust gelaten willen worden. Misschien willen ook wij wel gerust gelaten
worden en maken we ons immuun voor de radicaliteit van de boodschap van
het evangelie. Moge de viering van de veertiende zondag door het jaar
ons ontvankelijk maken voor wat moderne profeten ons in woord en daad te
zeggen hebben.
S. Flamey o.p. i.s.m. C. Van Croonenborch
=>
tekst
6
juli
Vrij
van
ballast op weg gaan
Soms zou je gaan twijfelen aan het gezond verstand van Jezus. Hij zal
het wel van in het begin van plan geweest zijn zijn leerlingen uit te
zenden om de Blijde Boodschap te gaan verkondigen. Pinksteren was voor
hen de grote start geweest. Maar vreemd genoeg zond Jezus zijn
leerlingen een eerste keer uit, twee aan twee, toen ze nog maar een paar
maanden in zijn gezelschap vertoefden. Toen hadden ze van Jezus'
boodschap nog niet veel begrepen. Waarom stuurde hij hen op pad als
weerloze schapen tussen de wolven? In de eerste lezing gebeurt net
hetzelfde. Amos, een vijgenkweker en veehoeder, wordt 'zomaar' van
achter zijn beesten weggehaald om als Gods profeet in Israël op te
treden. Natuurlijk had de man er de capaciteiten niet voor, en dus werd
hij ook niet au serieux genomen. Waarom doet God niet veeleer een beroep
op mensen die zijn boodschap grondig bestudeerd hebben? Of is God
verkondigen, niet zozeer een kwestie van weten, niet zozeer een kwestie
van woorden maar een kwestie van zijn en doen...? Met deze bedenkingen
worden we deze vakantiezondag weggezonden na de viering.
S. Flamey o.p.
13 juli
Uitgenodigd
Terugblikkend doorheen de geschiedenis, zowel die van de wereld, als die
van de Kerk,
lijkt
het heimwee naar sterke leiders onuitroeibaar. Maar minstens even sterk
is het verlangen naar mensen die leiding geven met wijsheid en echt iets
te zeggen hebben. Jezus' herderschap is leiderschap dat vertrouwen heeft
in, en respect heeft voor ieders eigenheid. Hij dwingt niet maar nodigt
uit. Hij wil herder zijn voor wie hem willen volgen, voor wie in hem
geloven. Deze zestiende zondag door het jaar worden we uitgenodigd om
ons hart, onze ziel, onze geest te openen voor de zorg en de ontferming
van die Goede Herder.
S. Roose o.p.
20 JULI
Wijs!
S. Flamey o.p.
27 JULI
Leven in
overvloed
Het verhaal van de broodvermenigvuldiging is een van die wonderen
waarbij wij ons wel eens afvragen wat daar nu precies gebeurd is. En
meer nog: zou het niet zinvol zijn als iets dergelijks ook vandaag kon
plaats vinden in een wereld waar 1 op 3 mensen honger lijdt? Deze vragen
raken de kern van het verhaal niet. Jezus wilde dat mensen met andere
ogen keken naar zijn wondertekenen. Niet alleen nu, ook toen al, had
Jezus het moeilijk om mensen duidelijk te maken waarom hij wondertekenen
deed. Omdat ook wij wel eens lijden aan selectieve hardhorigheid als de
Heer zijn woord tot ons richt is het goed dat wij ons weer eens
bezinnen.
J. Arnouts o.p.
3 AUGUSTUS
Voedsel
Net als vorige week is 'eten' het centrale thema in de liturgie van
vandaag.
Wat kunnen we u zondag beter toewensen dan: proef de religieuze smaak
van samen eten.
Met vele duizenden trokken de joden door de woestijn op weg naar het
Beloofde Land. En de Heer waakte over zijn volk. Dagelijks liet hij het
brood uit de hemel neerdalen. Een goed gevulde maag is belangrijk om een
40 jaar lange zwerftocht vol te kunnen maken.
Vorige week hoorden we hoe Jezus op zijn beurt aan vele duizenden brood
uitdeelde. Maar hij is niet van plan daar een dagelijkse, zelfs geen
wekelijkse bezigheid van te maken. Hij geeft de voorkeur aan een
definitieve oplossing: Hij geeft zichzelf als voedsel dat eeuwig leven
verzekert. Ondanks de gelijkenis, toch een duidelijk verschil tussen het
Oude en het Nieuwe Testament.
E.
Deronne o.p.
10 augustus
Voedsel
en mensen: broodnodig
Blij dat we in deze vakantietijd toch weer samenkomen om te bidden, te
luisteren en het brood te eten waarvan Jezus zegt: 'ik ben hemels
brood". Vakantietijd: tijd van laat ontbijten en van picknicken, thuis,
dichtbij of veraf, samen genieten van Vlaams of Frans of alternatief
brood. Brood heeft alles te maken met samen zijn; ook met energie
opdoen. Dat was ook al zo in Jezus' tijd. Het was niet voor niets dat
hij zei: "Ik ben het brood. Wie Mij eet, heeft eeuwig Leven." Daar zit
géén hokus-pokus in. Wèl warme symboliek, voor wie wil zien en horen.
Symbolen zeggen niets aan buitenstaanders. Integendeel. En erover
redeneren heeft ook weinig zin. Dat is wat wij zondag te horen krijgen:
Elia en Jezus: allebei geëngageerd. Niet zomaar op de eerste vingerknip,
maar erg begaan met God. Ze spreken voor dovemansoren. Aan ons om het
anders te proberen.
S. Roose o.p.
17 augustus
Vervelende
lezingen?
Over de lezingen
van deze zondag kan je op het eerste gezicht zeggen: is de evangelist Johannes daar nu weer met datzelfde verhaal van Jezus die brood uit de
hemel is? Weer eens de protesten van joden die niet willen begrijpen.
Eigenlijk is er iets heel anders en moet je weten dat Johannes zijn
evangelie geschreven heeft toen Jezus al tientallen jaren dood was. Dat
hij Jezus’ woorden weer eens in hun diepe samenhang wilde zetten. Want na
zoveel jaren was er iets misgelopen bij de herdenking van dat laatste
avondmaal: routine, kliekjesvorming? 'Neem en eet, dit is mijn lichaam;
neem en drink, dit is mijn bloed' had zijn oorspronkelijke zin verloren.
Hij die zijn leven gegeven had uit liefde voor zijn medemensen, zodanig dat Hij zich liet opeten. Het zesde hoofdstuk van Johannes wordt
in deze context helemaal geen vervelend maar een beeldrijk en gedreven
verhaal. En, ik ben er zeker van, de deelname aan de eucharistie kan er
helemaal anders van worden: opnieuw een vieren van het grote
mysterie van Gods liefde in de simpele symbolen van brood en wijn; weten
dat er brood is dat de honger van onze harten kan stillen. Wij mogen er zondag van genieten als we met zijn
brood zijn vriendschap en vrede ontvangen en het in de loop van de week
zullen delen met velen.
J.
Arnouts o.p.
24
augustus
" Wij
kiezen voor woorden van eeuwig leven"
Jezus zei tot zijn volgelingen: “Er zijn er
onder u die geen geloof hebben”. En ten gevolge daarvan haakten
sommigen af. Aan de kleine rest van de twaalf vroeg hij of ook zij soms
wilden weggaan. Het evangelie richt zich ook tot ons, en misschien biedt
de vakantietijd een geschikt moment om over enkele vragen na te denken:
waar kiezen wij voor? Voor welke levensrichting? Waar zoeken wij de
kracht om het vol te houden? ‘ Ik geloof dat je soms aan Mij twijfelt’,
zegt God, ’en dat je je afvraagt of geloven wel zin heeft. Toch hoop Ik
dat je Mij blijft vertrouwen en dat de woorden van Petrus ook jouw
woorden worden’: “ Naar wie zouden wij gaan? Bij U vind ik eeuwig
leven!”
S. Flamey o.p
31
augustus
De
wet of mijn hart?
Is het je ook al overkomen dat je je achter
regels en voorschriften verschuilt? Mij wel. 'Het kan gemakkelijk zijn,
of laf. Het evangelie van Marcus maakt ons duidelijk dat God
mensen een warm hart toedraagt en dat hij hoopt dat zij op hun beurt hem
en elkaar zo’n warm hart toedragen. Dat ziet hij liever dan uiterlijke
plichtplegingen. Om Gods verwachtingen waar te maken biedt de viering
van zondag ruimte.
R. Dominicus
7 september
Woorden van
leven spreken
Jezus stelt zichzelf
nooit op het voorplan. Hij wil Gods aanwezigheid bij mensen voelbaar
maken. ‘Vat moed’, zegt Hij. Jezus neemt de dove man apart, in stilte,
en bidt ‘Ga open’. De man ging horen en begon te spreken. Je verstaat
wel hoe rakelings de ongekende God ook ons nabij komt in de woorden van
Jezus. ‘Ga open’, wordt in het evangelie van zondag tot ons gezegd. Na
de vakantietijd weer samen, worden we uitgenodigd om elkaar te bemoedigen
met woorden van leven.
J. Arnouts o.p. i.s.m. M. Huybrechts
=>
tekst
14 September
Woorden van leven
Iemand oprecht bewonderen is niet gemakkelijk.
Dan laat je de hem of haar helemaal zichzelf zijn. Meestal willen we die
andere mens binnen bekende of eigen patronen plaatsen. Heel eerlijk zijn
wordt erg kwetsbaar. Jezus doorzag dat als hij aan zijn leerlingen vroeg
wat zij zelf hem dachten. Als wij naar de woorden van Petrus grijpen, en
Jezus erkennen als Hij die God bekend maakt, dan stellen wij ons in
verwondering open voor die grote Onbekende. Naar het voorbeeld van Jezus
stellen wij ons in verwondering open voor die grote Onbekende, Mysterie.
Dat vraagt veel van ons, tot en met eenzaamheid en lijden. In de lezingen
van deze viering vernemen we dat geloven poogt in balans te komen tussen
overtuiging en twijfel. De uitnodiging blijft: ’Kom achter mij aan’.
B. J. De Clercq o.p. i.s.m. M. Huybrechts
=>
tekst
21 september
Waarover hebben we het
met elkaar op onze levensweg?
Zoals elke zondag verhaalt het evangelie woorden van leven:
' Wie onder u de eerste wil zijn, moet de dienaar van allen worden'. Met
deze woorden maakt Jezus ons Gods gedachten duidelijk. Maar Gods gedachten
zijn de onze niet. En Jezus' wijsheid is groter dan de onze. De viering
gunt ons tijd en kracht om de idealen van dienstbaarheid weer wat meer
centraal te stellen in ons dagelijks leven: onbaatzuchtig gelukkig worden
om het welzijn van anderen.
S. Roose
o.p. i.s.m. M. Huybrechts
=>
tekst
28 september
Gebedsviering:
verkondiging
Sinds september begon het 'jaar van de verkondiging'. De
leden van het Dominicushuisteam planden de eerste gebedsviering in het
nieuwe werkjaar dan ook rond het thema 'verkondiging', onderwerp trouwens
dat dominicaanse mensen vanuit de traditie nog steeds ter harte
gaat.
M. Huybrechts en C. Van Croonenborch
=>
tekst
5 oktober Einde van de vredesweek
Deze zondag vieren we het
einde van deze Vredesweek liturgisch. Daags na het feest van Franciscus
van Assisi laten we ons inspireren door gebeden
en teksten van deze heilige uit de dertiende eeuw. Want: taal van vrede
maakt vrij, taal van vrede gaat in tegen onrecht, veroordeelt niet, taal
van de vrede heelt en geneest, spreekt radicaal maar kwetst niet, taal van
vrede verbindt ons met de Bron.
W.
Costermans o.p.
=> homilie
12 oktober
Geloven is maatschappelijk,
doen wat je zegt!
De man die op Jezus afkomt in het evangelie is
wel geraakt door wet en profeten, maar past deze slechts toe op zijn
persoonlijk leven. Hij noemt Jezus onmiddellijk een goede rabbi. Jezus
verbetert hem: alleen God is tov (goed), omdat er geen onderscheid
bestaat tussen zijn spreken en zijn doen. Zo beperkt Jezus het aanzien van
de rabbi. Deze mogen nog zo goed wet en profeten kennen, daarmee doen ze
het nog niet. Als mensen de tien geboden horen, zijn zij op de goede weg.
Jezus bemint daarom de man. Waarom is nu hier de vraag van de man niet
beantwoord en het verhaal niet ten einde? De wet is er niet voor je
persoonlijke veiligheid, maar voor het redden van de wereld. Zolang er
mensen lijden, zal Gods bondgenoot lijden. Zolang er armen zijn, zal Hij
met hen delen. Dat maakt droevig: we willen het Jezus nadoen maar durven
niet. Hierover bezinnen we ons in de viering van zondag.
S. Roose o.p. is voorganger en predikant
19 oktober
Om te dienen
‘De Mensenzoon is gekomen om te dienen’,
met die woorden eindigt het evangelie van deze zondag. Die uitspraak geeft
aan hoe Jezus’ leerlingen hem hebben ervaren doorheen zijn woorden en
daden, zijn omgang met mensen. In wat hij zei en deed, werd zijn visie en
zijn omgang met God openbaar voor wie het wilde zien. Onvermijdelijk
stellen we ons hierbij vragen over onze verhoudingen met medemensen in ons
gezin, in de buurt, in onze werkomgeving, in onze vriendenkring. We willen
zeker het beste voor onze naasten, toch moeten we ons wel afvragen of het
beste dat ons voor ogen staat, wel het beste is voor de mens in onze
omgeving. Een bezinning over de lezingen en een ontmoeting met Jezus, onze
leidsman, kunnen ons helpen.
S Penez o.p. i.s.m. Chris Van
Croonenborch
26 oktober
Zien wat ik kan doen
De evangelielezing van de 30ste zondag neemt ons verder mee op
Jezus’ weg naar Jeruzalem. Vorige zondagen hoorden we hoe Jezus zijn leerlingen
inwijdde in het lijden dat hem te wachten stond. En al hadden die leerlingen
het in Jezus gezien, toch bleek onderweg dat ze nog niet echt begrepen waar het
Jezus om te doen was. Ze waren nog altijd uit op eigenbelang. Bartimeüs doorbak alle
vorige motieven. Hij vroeg gewoon niet om het herstel van de functie van zijn
ogen, ging niet langer zijn eigen weg, bleef niet zitten, maar zag in Jezus
alle heil.
Aan zo’n vurig geloof mogen we ons deze zondag spiegelen en er ons door
laten aanspreken.
J. Arnouts o.p.
=>
tekst
2 november
Allerzielen
De viering van 2 november is voorbereid door de
bijbelbasisgroep van Antwerpen. Toen werd duidelijk hoeveel
evangelieteksten met deze novemberdagen hebben te maken. Het werd keuzen
maken; vanuit het begrip heilig(en). In de heidense tijd betekende
het ‘met heil of geluk vervuld’. De religieuze betekenis ligt in
dat verlengde: heilig heeft iets te maken met heel worden, geheeld worden,
genezen. Zo zijn de tien geboden heilig omdat ze de mens en de
gemeenschap van mensen gezond, heel houden. Deze dagen gedenken wij
heiligen, zij die heilvol waren tijdens hun leven en zij die het vandaag
proberen te zijn. Zoals allen behoren wij tot een gemeenschap van
heiligen, maar met ups en downs. Jezus Christus toont ons de levensweg die
wij kunnen volgen en hij is onze kracht om die levensweg dag na dag te
bewandelen. In ieder geval gedenken we de komende zondag onze geliefde
overledenen en heel speciaal hen van wie we dit jaar afscheid moesten nemen.
S. Flamey o.p. i.s.m. bijbel-basisgroep Antwerpen
=>
tekst9 november
Geven en geven is twee
Zoals in elke eucharistieviering willen we ook
zondag het woord dat gesproken wordt in ons opnemen om het te overwegen
en om er met anderen over te praten. Zo kunnen we elkaar helpen en elkaar
voorgaan. Jezus woorden in de viering spreken van nederigheid en gulheid.
Zoals in elke eucharistie willen we samen bidden en zo hopen de God van
Jezus Christus te mogen ervaren. Zoals in elke eucharistie willen we weer
brood breken en de beker van het verbond rondgeven om samen Christus te
worden, om de vernieuwende en bevrijdende beweging die Hij op gang bracht
trouw en eigentijds verder te zetten.
J. Arnouts o.p. i.s.m. E. Joris
16 november
De laatste toekomst
Op de laatste zondag van het
kerkelijk jaar stelt het evangelie ons voor de vraag die wij onszelf ook
bij de jaarwisseling stellen: waar komt het nu uiteindelijk op aan? Hoe is
het gesteld met de kwaliteit van ons leven? Daarvoor kunnen we ons
spiegelen aan de Man van Nazaret. We willen proberen doelbewust te leven
op de wegen van gerechtigheid en vrede om eens voorgoed thuis te komen bij
God, die liefde is en onvergankelijk leven.
B. De
Clercq o.p. i.s.m. E. Joris
=>
teksten
23 november
Een
dienende koning
Er is al eerder om gevraagd, maar in de dagen van Samuël gaan er
opnieuw stemmen op om een koning aan te stellen die het volk Israël
leiding moet gaan geven. De profeet juicht helemaal niet om deze opdracht.
Zodra die mannen het voor het zeggen krijgen, maken ze van mensen eerst
onderdanen en op den duur slaven. Als er absoluut een koning moet komen,
moet het er een zijn waar in psalm 73 wordt om gebeden.
Koning Herodes noch Pilatus beantwoorden aan dit profiel. Pilatus,
een meeprater. Herodes wil alleen maar zichzelf redden. Twee mensen zonder
karakter. Toch bleef de droom, het verlangen dat er nog ooit zo’n koning
zou komen. De hoop op een Messias bleef.dus. Menigeen zag in Jezus die
nieuwe koning die de mensen de weg zou wijzen, en die de meeste tijd
besteedde aan de zwakkeren. Geen gemakkelijke meeloper, die zichzelf wilde
redden, maar een man met karakter! Wie Hem wil volgen wordt voor gek
verklaard. En toch zijn het de mensen, die niet zichzelf willen redden,
die het Koninkrijk van God waar maken. Met deze boodschap confronteert ons
de viering van deze zondag.
S. Roose o.p. i.s.m. E. Joris
30 november
Het is weer advent
Het evangelie van de eerste zondag van de advent klinkt ons nog
vers in de oren. Voor veertien dagen beluisterden we de versie van Marcus,
vandaag die van Lucas. Beide evangelisten roepen op tot waakzaamheid.
Advent anno 2003 uitnodigt ook weer uit om orde op zaken te stellen.
Advent nodigt ons nu uit na te denken over onze mensenwereld. Het
gaat in de lezing niet om het einde van de wereld in materiële zin van het
woord, van de kosmos, maar om deze mensenwereld. Misschien mag die
wereld met zijn vele -ismen wel uiteenspatten. Dan worden we misschien
meer ontvankelijk voor het teken dat de Mensenzoon is. In het licht van
Jezus, de ware mens, kan helder worden hoe wij ons leven aan het inrichten
zijn. Gebeurt dat vanuit zijn woorden dan wordt het goed en vol uitzicht.
In Hem zal de kwaliteit van ons leven blijken.
S. Roose o.p. i.s.m. E. Joris
=>
teksten
7 december
Gemeenschapsviering rond ‘Verwachting’
Op deze tweede adventszondag zijn we natuurlijk in verwachting van
het geboortefeest van Jezus. Maar verwachting nù betekent ook blijven
hopen ondanks uitzichtloosheid; licht zien ondanks duisternis; kracht en
levenslust ondanks moeheid en moedeloosheid. Daarover willen we ons
gelovig bezinnen.
J. Elaut en E.
Joris
=>
tekst
14 december
Wat moeten we doen?
Blij zijn, zegt Paulus: “Verheug u in de Heer te allen tijd.”
Johannes geeft een drievoudig antwoord : 1) delen met wie niets
heeft, 2) niet méér vragen dan wat is vastgesteld, 3) niemand afpersen, maar
tevreden zijn met wat je verdient. Actueel vertaald: delen, rechtvaardig
zijn, beloning naar werken. Advent is niet alleen een tijd van individuele
voorbereiding op de komst van Jezus. Advent is geen tijd van shoppen en
van glitter. Het is een tijd om je hart open te stellen voor arme en
gekwetste mensen in je omgeving. Als je solidair durft zijn met hen
ervaar je hoe die solidariteit jouw leven rijker maakt. In kleine en
eenvoudige mensen wil hij geboren worden. Samen vieren biedt ons de kans
om te zien waar en in wie hij geboren wordt. De sfeer van deze zondag is
er een van vreugde en blijdschap. In die geest vieren we dat pater S. Flamey al vijftig jaar als priester deze adventszondag mag beleven.
A. Vaganée i.s.m. J. Elaut
=>
teksten
21 december
Ontmoeten
Het evangelie van Lucas op de vierde adventszondag wordt wel eens
het evangelie van de ontmoeting genoemd. Lucas vertelt in het komende jaar
nog meer exclusieve verhalen van ontmoeting; de weduwe van Naïm, de tien
melaatsen, Zacheüs, de leerlingen op weg naar Emmaüs. Steeds leven mensen
op in deze ontmoetingen met Jezus. Het valt op dat wanneer Lucas het
bevrijdend verhaal over Jezus nog maar begint te vertellen, er ook in het
begin twee vrouwen worden genoemd die openstaan voor een ontmoeten met God
en met elkaar. Zelfs in het verhaal van zondag,
waar het gebeuren met God nog zo pril is en de uitverkiezing van beide
vrouwen nog zo nieuw en onbegrijpelijk, is er al sprake van
uitzicht. Beide vrouwen zijn vervuld van de heilige Geest en daarom kunnen
zij spreken. Terwijl de man van Elisabet met stomheid geslagen is
en Jozef overweegt Maria in stilte achter te laten, zijn het vrouwen die
het geheim van Gods omgang met elkaar delen, onder woorden brengen. Van
Elisabet en Maria kunnen we leren hoe te luisteren naar de Stem. In het
ontmoeten kunnen mensen een geschenk van God voor elkaar zijn. Het draagvlak van
alle Gods- en mensenontmoeting is beschikbaarheid en ontvankelijkheid,
zoals beide vrouwen uit het evangelie het verstaan: “gekomen om uw wil te
doen”. Langs hen om weten we ons in eenvoud gezonden, met Gods kracht
bekleed om vrede te brengen. Als we zo eens de laatste dagen voor Kerstmis
doorbrengen?
S. Penez o.p. i.s.m. J. Elaut
25 december
God met ons
=>
tekst
28
december
Baby’ s worden aan mensen toevertrouwd. Maar
kleintjes worden groot, gaan hun eigen wegen. Zoals het kind uit Betlehem
en Nazaret, dat - in het spoor van zijn opvoeding, cultuur, en familie –
eigen wegen zou gaan.
Groeipijn van ouders: bang zijn, zorgend en
overbezorgd zijn, machteloos uit handen moeten geven, maar blijven
vertrouwen en vooral gaarne zien.
De stem van God, die in hun kind aanwezig was,
liet zich niet weerhouden. Jezus begreep zijn zending: “Wisten jullie dan
niet dat ik bij mijn Vader moest zijn?” Met die woorden omschrijft het
evangelie de zending van Jezus: bezig zijn met de dingen die zijn Vader
ter harte gaan voor het welzijn van alle mensen, hier en waar ook ter
wereld. Het kind van Jozef en Maria zou een zendeling worden, wiens
woorden en daden op hun weg door de wereld ook ons bereiken.
Wij mogen er ons altijd, maar speciaal op de
zondag van de H. Familie, dankbaar door laten aanspreken.
S. Roose o.p. i.s.m. C. Van
Croonenborch
=>
tekst
|
|
|